|
INDEX :
- A -aanhechtingsfunktieReden waarom bedrijven zich in een gebied willen vestigen. In het gebied bevinden zich namelijk bedrijven die specifieke diensten en producten leveren, zoals snel vervoer en speciale behandelingen van producten.
aanvoer Alle goederen die een haven binnenkomen. Letterlijk betekent aanvoer 'naar de bestemde plaats brengen'.
aardolie Onbewerkte olie (zoals die uit de grond komt), wordt ook wel ruwe olie genoemd.
achterland Het gebied waar goederen of passagiers vanuit een centraal verzamelpunt naar toe worden gebracht. Bijvoorbeeld: het Ruhrgebied is het achterland van Rotterdam.
afvoer Alle goederen die de haven verlaten.
agglomeratie-effect Onder invloed van een grote bevolkingsomvang en een grote gevarieerdheid in bedrijven en voorzieningen ontstaat een zichzelf versterkende groei van bedrijven en voorzieningen.
agglomeratienadelen De nadelen van bedrijfsvestiging in een grote stad. Bijvoorbeeld de grond word te duur of het milieu wordt te zwaar belast.
agglomeratievoordelen De voordelen van bedrijfsvestiging in een grote stad. Voordelen zijn: aanwezigheid van een afzetmarkt, arbeidsmarkt, toeleveringsbedrijven en goede infrastructuur.
agribulk Dit zijn alle agrarische massagoederen, zoals granen, oliehoudende zaden en veevoedergrondstoffen (sojaschroot, citruspulp).
- B -balancing of intermediate refineryRaffinaderij gelegen in zeehavens van grote bevolkingsconcentraties.
bulktransport Transport in grote hoeveelheden, opgeslagen in tanks of los gestort in laadruimten.
- C -cargadoorVertegenwoordiger van een of meerdere rederijen. Zorgt er onder andere voor dat schepen een ligplaats aangewezen krijgen, dat ze gelost worden, dat de goederen door de douane komen en dat er weer nieuwe lading voor een schip is.
cargonautsysteem Informatiesysteem op luchthavens, waardoor de afhandeling van luchtvracht sneller gaat.
centrumfunctie Centrale plaats in een netwerk. Schiphol neemt bijvoorbeeld een centrale plaats in omdat mensen zowel gebruik kunnen maken van een netwerk van Europese luchtlijnen als van een wereldnetwerk van luchtlijnen.
centrum-periferie-tegenstelling Een tegenstelling tussen een ontwikkeld gebied (centrum) en een minder ontwikkeld gebied (periferie). Tussen deze gebieden bestaan relaties en de ontwikkeling van de periferie wordt bepaald door het centrum. De periferie is ondergeschikt aan het centrum.
chartermaatschappij Luchtvaartmaatschappij die ongeregelde diensten onderhoudt naar bepaalde bestemmingen. In bepaalde tijden van het jaar, bijvoorbeeld de zomervakantieperiode, hebben zij aanzienlijk meer vluchten dan in andere tijden.
collectie Het ophalen van de goederen bij de producent.
collectienetwerk Onderdeel van een transportnetwerk waarover goederen bij de producent worden opgehaald.
commissionair Iemand die in opdracht van anderen goederen inkoopt.
container Grote metalen laadbak voor opslag of transport van goederen (stukgoederen).
containerisatie Het gebruik van containers voor transport van allerlei goederen (stukgoederen).
containervervoer Goederen (stukgoederen) die vervoerd worden in laadkisten die bepaalde standaardafmetingen hebben.
- D -dead-end refineryRaffinaderij gelegen in het consumptiegebied.
deepsea containerschip Containerschepen die intercontinentale routes bevaren. De containers van een deep-sea containerschip worden in de grote havens overgeladen op een veel kleiner short-sea schip om naar de verschillende kleinere havens te worden verscheept.
degroeperen Het splitsen van een laadeenheid in de oorspronkelijke zendingen.
distributie Het brengen van goederen van producent naar consument.
distributiecentrum Een plaats (scheepshaven of luchthaven) waar goederen uit de verre omtrek naar toe worden gebracht om vandaar naar alle mogelijke bestemmingen te worden vervoerd.
distributieland Een distributieland is een land waar in de transportsector minstens een kwart van de werkgelegenheid te vinden is; met een goed ontwikkeld netwerk van eerstelijns en tweedelijns knooppunten; met niet alleen een of meer mainports, maar ook een groot aantal EDC's.
distributienetwerk Onderdeel van een transportnetwerk waarover goederen bij de eindgebruiker worden afgeleverd.
distripark Een groot distributiecentrum gebouwd in de buurt van de grote containerterminals en vlakbij de verbindingen met het achterland.
doorvoer Dit is hetzelfde als transito. Dit betekent het vervoer van goederen waarvan zowel de herkomst als de bestemming in het buitenland ligt; die in een zee- of luchthaven worden overgeladen (na eventueel te zijn opgeslagen) en die in de zee- of luchthaven geen bewerking hebben ondergaan.
duwvaart Voortduwen van vaartuigen zonder eigen stuwkracht door een motorschip.
- E -economisch complexEen groep aan elkaar verwante economische activiteiten die in een duidelijk begrensd gebied voorkomen en een zodanige gevarieeerdheid en omvang hebben dat deze activiteiten zich zelf in stand houden en zelfs gaan versterken.
edc Europees distributiecentrum. Een (of een uiterst gering aantal) locatie(s) waar producten worden opgeslagen en vandaaruit over heel Europa gedistribueerd.
eerstelijns knooppunten Het is een knoopunt in een internationaal netwerk van verkeers- en vervoersstromen van goederen, personen en informatie.
entrepotgebouw Gebouw waar tijdelijk de goederen worden opgeslagen die het land binnenkomen. Van hieruit worden de goederen verder doorgevoerd naar het buitenland, zonder douanebehandeling.
europese distributiecentra EDC. Een (of een uiterst gering aantal) locatie(s) waar producten worden opgeslagen en van daaruit over heel Europa gedistribueerd.
expeditiebedrijf Bedrijf dat voor verzending (van goederen) zorgt.
export processing zones Betrekkelijk kleine gebieden in ontwikkelingslanden die bedoeld zijn om buitenlandse exportbedrijven aan te trekken. Ze beschikken over speciale faciliteiten die aantrekkelijk zijn voor buitenlandse bedrijven.
- F -feederEen luchthaven die zijn passagiers toelevert aan en ontvangt van een mainport, maar zelf niet over een (uitgebreid) net van intercontinentale verbindingen beschikt.
- G -gattGeneral Agreement on Tariffs and Trade. Een overeenkomst tussen een aantal landen met als doel de bevordering van de vrijhandel.
global shift De verschuiving van economische zwaartepunten en activiteiten over de wereld als gevolg van economische schaalvergroting. Bijvoorbeeld de kustgebieden van de noordelijke Atlantische Oceaan (de havens van Noordwest-Europa en het noordwesten van de USA) moeten hun leidende positie afstaan aan de havens in Zuidoost-Azie.
globalisering Dit is hetzelfde als internationalisering. Maar bij globalisering gaat het vooral om de samenhang die er is ontstaan tussen bedrijven en instellingen die over de wereld verspreid zijn.
groepage Het samenvoegen van meerdere zendingen tot een te verzenden laadeenheid.
grossier Groothandelaar, deze koopt goederen in grote hoeveelheden en verkoopt ze door aan derden.
- H -home-carrierEen grote luchtvaartmaatschappij die een bepaalde luchthaven als thuishaven heeft. Voor Schiphol is de home-carrier de KLM.
hoofdstuk 2 vliegtuigen Om de geluidshinder van de vliegtuigen te verminderen probeert Schiphol de H2-vliegtuigen (lawaaiige vliegtuigen) te weren.
hoofdtransportas Dit is een hoofdlijn, met name gericht op het achterland, waarlangs vervoer over spoorlijn, weg of water plaatsvindt.
hub 'Hub' betekent letterlijk spil of as. Vanuit de 'hub' lopen diverse spaken ('spokes'). De spaken staan voor de transportwegen die vanuit de 'hub' uitstralen.
hulpdienst Bedrijf dat havenactiviteiten ondersteunt, bijvoorbeeld loodsen, slepers, verhuurbedrijven van transportmiddelen.
- I -ica-gatewayEen opstapplaats naar intercontinentale bestemmingen.
imer De verschillende uitbreidingsvarianten van Schiphol zijn onderworpen aan de Imer (Integraal Milieu-Effect Rapportage). Tot de onderzochte milieu-criteria behoren geluid, externe veiligheid, luchtverontreiniging en gezondheid.
immersat-systeem Communicatiesysteem met behulp van satellieten, grondstations, telefoons en computers, tussen bedrijven en vervoermiddelen.
informatie verwerkend systeem Informatie Verwerkend Systeem (I.V.S.). Opslag van informatie van alle schepen die de Rotterdamse haven aandoen, met behulp van computers.
integraal milieu effect rapportage De verschillende uitbreidingsvarianten van Schiphol zijn onderworpen aan de Imer (Integraal Milieu-Effect Rapportage). Tot de onderzochte milieu-criteria behoren geluid, externe veiligheid, luchtverontreiniging en gezondheid.
intermodaal vervoer Vervoer met behulp van verschillende transportmodaliteiten (vervoerwijzen), die bewust op elkaar zijn afgestemd.
internationale taakverdeling Een mondiale taakverdeling die vooral sinds de industriele revolutie bestaat. Hierbij leveren de Europese landen de industrieproducten en de rest van de wereld de grondstoffen en agrarische producten.
internationalisering Een proces van schaalvergroting waarbij op politiek, sociaal, cultureel en economisch gebied samengewerkt wordt en verbanden gelegd worden met bedrijven en instellingen buiten het eigen gebied.
ivs Informatie Verwerkend Systeem. Opslag van informatie van alle schepen die de Rotterdamse haven aandoen, met behulp van computers.
- J -just-in-time-leveringHet leveren van producten in de gewenste hoeveelheid op het moment dat een klant ze nodig heeft.
- K -keDe kosteneenheid (Ke) is een meeteenheid om de geluidszones rondom Schiphol te bepalen. De Ke drukt de geluidsbelasting uit in een getal door landende en stijgende vliegtuigen over het gehele etmaal voor een bepaalde plaats te meten.
knooppunt Plaats waar goederen of laadeenheden tussen de verschillende modaliteiten worden uitgewisseld.
kosteneenheid De kosteneenheid (Ke) is een meeteenheid om de geluidszones rondom Schiphol te bepalen. De Ke drukt de geluidsbelasting uit in een getal door landende en stijgende vliegtuigen over het gehele etmaal voor een bepaalde plaats te meten.
- L -laeqDe Laeq is een meeteenheid om de geluidszones voor de nachtvluchten rondom Schiphol te bepalen. De Laeq is gebaseerd op het gemiddelde geluidsniveau van vliegtuigen binnenshuis, berekend over alle nachten van een geheel jaar. De Laeq wordt uitgedrukt in decibels.
land bridge vervoer Dit is het transport van een container die deels via spoorlijnen verloopt.
lash-transport Lash staat voor lighter aboard ships: schepen met aan boord geladen kleinere schepen die op binnenwateren kunnen varen.
lijndienstmaatschappij Luchtvaartmaatschappij die geregelde diensten onderhoudt naar bepaalde bestemmingen. Deze vluchten kunnen dagelijks, wekelijks of maandelijks zijn. De vluchten gaan volgens een vast dienstschema.
logistiek De gestructureerde koppeling van alle vervoeronderdelen (collectie, degroepage, groepage, intermodaal transport, extra handelingen, distributie), zodat een efficiënt transportgeheel ontstaat.
logistiek centrum Plaats waar de koppeling van de verschillende vervoeronderdelen plaatsvindt. Er vinden ook waardetoevoegingen plaats.
logistieke keten Het productieproces van goederen via grondstoffen, productie, halffabrikaten, productie, eindproducten, gebruikers.
loods Iemand die goed bekent is met de ondiepe en gevaarlijke plaatsen in een vaarwater en de schepen er veilig doorheen brengt.
- M -mainportDit is een knooppunt in een internationaal netwerk van verkeers- en vervoersstromen van goederen, personen en informatie.
mainport In Nederland zijn twee mainports: Schiphol (luchtvaart) en Rijnmond (scheepvaart). Een mainport is: A.Een plaats of gebied met knoopppunten van verschillende transportmiddelen (weg, water, rail, lucht) en waar wordt gezorgd voor samenwerking en afstemming van die transportmiddelen (24 uur per dag met hoge frequentie) en het is: B. Een knooppunt met een aansluiting op een intercontinentaal (ook Europees) verplaatsnetwerk en: aanwezigheid van logistieke centra en een goede telematica infrastructuur.
massagoed Onverpakte goederen die in grote hoeveelheden vervoerd worden, bijvoorbeeld olie (=nat massagoed) of graan (= droog massagoed).
masterplan Inrichtingsplan voor de middellange termijn. In een masterplan staat bijvoorbeeld omschreven hoe een haven of luchthaven een mainport kan worden.
megahub Mainport van eenzame klasse.
monoport Concentratie in de stroom van goederen, mensen of informatie via een (lucht-) haven. Bijvoorbeeld: situatie waarbij maar een haven een dominante positie zou hebben in West-Europa.
multihub systeem Gebied met meerdere 'hubs' (mainports) in een netwerk van transportlijnen naar verschillende bestemmingen.
multiplier-effect Door de groei van het hoofdbedrijf zullen de van dit bedrijf afhankelijke bedrijven ook groeien en uitbreiden.
multiport Concentratie in de stroom van goederen, mensen of informatie via meerdere (lucht-) havens. Bijvoorbeeld: in West-Europa zijn er meerdere havens (Rotterdam, Antwerpen, Hamburg) met een dominante positie.
- N -netwerkHet geheel van knooppunten en aansluitende transportlijnen (wegen, rivieren, luchtwegen, zeeroutes en rails).
nic's Newly Industrializing Countries. Nieuwe industrielanden in de ontwikkelingslanden, met name in Zuidoost-Azie en Midden-Amerika. Deze landen hebben zich de laatste decennia ontwikkeld tot industrielanden.
nimby-syndroom Het verschijnsel dat mensen een bepaalde hinderlijke activiteit niet in hun buurt willen hebben, bijvoorbeeld de geluidhinder van vliegtuigen of de Betuwelijn.
- O -oil-terminalHet eindstation van de grote olietankers. Hier wordt de olie opgeslagen en per pijpleiding getransporteerd of direct verwerkt in de raffinaderij.
one-terminalconcept De opzet van het station (terminal) van de luchthaven, waarbij alle activiteiten in een gebouw afgehandeld kunnen worden. Passagiers hoeven bijvoorbeeld bij het overstappen niet naar verschillende gebouwen te gaan.
open skies verdrag Een verdrag waarbij vliegtuigen het recht hebben om in het luchtruim van andere staten te vliegen.
opslag Dit is hetzelfde als 'warehousing'. Goederen bewaren, bijvoorbeeld in loodsen, containers (stukgoed), opslagtanks (olie), silo's (graan) of los gestort op bedrijfsterreinen (erts), totdat ze verder bewerkt worden.
overslag Goederen van het ene vervoermiddel overbrengen naar een ander vervoermiddel (Overslag = aanvoer + afvoer).
overslag op stoom Het laden en lossen van zeeschepen zonder dat ze afgemeerd liggen aan de kade.
overslagbedrijf Bedrijf waar goederen en passagiers voor hun eindbestemming veranderen van transportmiddel dat hen naar een andere bestemming brengt.
overslagsector De bedrijven die zich bezighouden met overslag van goederen.
- P -pacific rimLetterlijk: landen rond de Grote Oceaan. Doordat deze landen (Taiwan, Zuid-Korea, Hong Kong) economisch aan kracht winnen verschuift het zwaartepunt van handel en verkeer (Global Shift) naar de landen rond de Pacific Rim.
poortfunctie Voor de aanvoer en doorvoer van goederen en het aan- en doorreizen van mensen zeer gunstige ligging van een plaats. Schiphol en Rotterdam hebben een poortfunctie. De naam Europoort is om die reden gekozen.
product life cylce De levenscyclus van een product. De tijd die er verloopt tussen de ontwikkeling van het product tot het moment waarop de consumenten dit product niet meer kopen.
- Q -Terug naar de Index
- R -raffinaderijEen bedrijf dat ruwe olie bewerkt.
reder Een eigenaar van schepen.
resource-refinery Raffinaderij in het productiegebied.
reverse thrust Dit is het gebruik maken van straalomkeerders tijdens het uitlopen van de landing om bij te remmen; maakt veel lawaai.
roeier Regelt dat schepen vast komen te liggen (aan kades, boeien, steigers enzovoort).
roll/on-roll/off vervoer Trucks met oplegger of alleen de opleggers worden per schip vervoerd.
rom-gebied Een gebied waar een geintegreerd Ruimtelijke Ordenings- en Milieubeleid moet worden ontwikkeld.
ruimtelijke schaalvergroting Het gebruik maken van meer ruimte (bijvoorbeeld grotere haventerreinen en grotere en diepere havens) om de verschillende activiteiten te kunnen uitvoeren.
ruwe olie Onbewerkte olie (zoals die uit de grond komt), wordt ook wel aardolie genoemd.
- S -schaalvergrotingOntwikkeling die het werken (bijvoorbeeld transport) in grotere eenheden mogelijk maakt zodat lagere productiekosten en hogere opbrengsten gerealiseerd kunnen worden. Kostenbeheersing, verhoging van de productiviteit en tijdbesparing zijn begrippen die hiermee samenhangen.
schaalvoordeel Het verschijnsel dat hoe groter de productie, transport of bestelling hoe lager de prijs per artikel of gewichtseenheid.
scheepsagent Vertegenwoordiger van een of meerdere rederijen. Zorgt er onder andere voor dat schepen een ligplaats aangewezen krijgen, dat ze gelost worden, dat de goederen door de douane komen en dat er weer nieuwe lading voor een schip is.
short sea containerschip Containerschepen die continentale routes bevaren. Short-sea schepen nemen de vracht over van deep-sea containerschepen in de grote havens om ze verder over kleinere havens te distribueren.
shuttle Pendeldienst (rechtstreekse verbinding) tussen twee knooppunten, die onafhankelijk van het ladingaanbod op vaste tijdstippen vertrekt en aankomt.
sleper Sleept een schip naar de juiste ligplaats (omdat een zeeschip groot is en in een haven moelijk te sturen is).
slurry IJzererts vermengd met water waardoor 'modder' ontstaat. Dit maakt vervoer per pijpleiding mogelijk.
snuffelpaal Meethuisje dat de mate van luchtverontreiniging meet in een bepaald gebied.
spokes Letterlijk: spaken. Transportlijnen die vanuit de 'hub' (mainport) naar verschillende bestemmingen lopen.
stapelhaven Een haven waar schepen hun lading, afkomstig uit een bepaald gebied of bestaande uit een specifiek product, te koop aanbieden (letterlijk: opstapelen in pakhuizen).
straddle-carriers Speciale voertuigen voor het verplaatsen van containers.
strippen Het leeghalen van een container.
stuffen Het vullen van een container.
stukgoederen Goederen die verpakt in balen, zakken, kisten of vaten worden vervoerd; ook het palletvervoer hoort hierbij.
stuwadoorsbedrijf Een bedrijf dat schepen laadt en lost.
subhub Knooppunt dat zorgt voor een verdere distributie van goederen, mensen of informatie die afkomstig zijn van een hub.
suprastructuur Het geheel aan overige voorzieningen binnen een havengebied (los van de verkeersvoorzieningen) die het functioneren van een havencomplex mogelijk maakt.
- T -tangentieel banenstelselHet geheel van start- en landingsbanen die als raaklijnen van een cirkel ten opzichte van elkaar liggen. Hierdoor kunnen vliegtuigen bij alle windrichtingen opstijgen en landen.
telecommunicatie Communicatie over (grote) afstand mogelijk gemaakt door moderne, electronische middelen.
terminal Gebouwen waarin zich de aankomst- en vertrekhal van een vervoercentrum bevinden. Hier bevinden zich allerlei faciliteiten zoals een belastingvrij winkelcentrum, restaurants en een zakencentrum.
tno Transnationale Onderneming. Een grote onderneming die in verschillende landen bedrijven en vestigingen heeft. Het begrip multinationale onderneming (M.N.O.) heeft dezelfde betekenis.
toegevoegde waarde De waardevermeerdering die onstaat bij de omvorming van grond- en hulpstoffen in eindproducten en halffabrikaten. Deze waardevermeerdering ontstaat bijvoorbeeld door de inzet van arbeid.
traide Het geheel van de drie belangrijkste machtsblokken van de wereld met als middelpunt de Verenigde Staten, Japan en de Europese Unie.
traidisch netwerk Het geheel van economische en politieke relaties tussen de blokken van de triade.
transfer Het vervoer van personen op een luchthaven waarvan de herkomst en de bestemming in het buitenland liggen of op een andere luchthaven in het binnenland ligt. Zij moeten op de luchthaven van toestel veranderen.
transferfunctie Luchthaven waar het aandeel van de transferpassagiers en de transito groot is ten opzichte van andere luchthavens.
transferium Overslag- of overstappunt. Een voorbeeld daarvan is Hoek van Holland. Passagiers stappen er van de trein over op de boot of andersom. Goederen worden er overgeladen.
transferpassagiers Passagiers die overstappen op een ander toestel, met een ander vluchtnummer.
transito Dit is hetzelfde als doorvoer. Dit betekent het vervoer van goederen waarvan zowel de herkomst als de bestemming in het buitenland ligt; die in een zee- of luchthaven worden overgeladen (na eventueel te zijn opgeslagen) en die in de zee- of luchthaven geen bewerking hebben ondergaan.
transitopassagiers Passagiers die verder gaan met hetzelfde vliegtuig. Er is een tussenlanding, maar de passagiers stappen niet over.
transnationale onderneming T.N.O. Een grote onderneming die in verschillende landen bedrijven en vestigingen heeft. Het begrip multinationale onderneming (M.N.O.) heeft dezelfde betekenis.
transport-corridor Een gebied waar een hoofdtransportrichting overheerst en waarbinnen verschillende transportlijnen en knooppunten aanwezig zijn.
transportmodaliteit Vervoer met een bepaald transportmiddel (vervoerwijze), zoals wegvervoer, luchtvaart, binnenvaart, zeevaart, spoorvervoer en pijpleidingvervoer.
trucking Het vervoeren van vracht per vrachtauto van de ene luchthaven naar de andere. De vracht heeft al een vluchtnummer en kan zo van het ene toestel naar het andere gebracht worden. Vaak gaat het om kleinere hoeveelheden en kan de vracht op deze wijze snel ter plaatse zijn.
tweedelijns knooppunt Knooppunt dat zorgt voor een verdere distributie van goederen, mensen of informatie die afkomstig zijn van een eerstelijns knooppunt . Bijvoorbeeld Venlo is een potentieel tweedelijns knooppunt. Het ligt gunstig in de zuidoost-corridor ten opzichte van Rotterdam, heeft goede weg- en railverbindingen en is ook voor de binnenvaart goed te bereiken.
- U -uitgesteld vervoerVoordat de goederen die zijn aangevoerd, worden doorgevoerd, worden zij eerst bewerkt of verwerkt wat leidt tot een extra toegevoegde waarde en een extra werkgelegenheid.
uitschuiving Ruimtelijke verplaatsing van activiteiten en bedrijven naar nieuwe, grotere ruimten.
- V -val activiteitenValue Adding Logistics oftewel 'Waardetoevoegende activiteiten in de bevoorradingsketen'. Deze activiteiten vinden met name plaats in de distributiecentra waar bedrijven hun winst halen uit het toevoegen van diensten. Bijvoorbeeld: het opslaan en verzenden van motorfietsonderdelen of het in kleine porties verpakken van geneesmiddelen met een 'bijsluiter' in de juiste taal.
value adding logistics Value Adding Logistics oftewel 'Waardetoevoegende activiteiten in de bevoorradingsketen'. Deze activiteiten vinden met name plaats in de distributiecentra waar bedrijven hun winst halen uit het toevoegen van diensten. Bijvoorbeeld: het opslaan en verzenden van motorfietsonderdelen of het in kleine porties verpakken van geneesmiddelen met een 'bijsluiter' in de juiste taal.
vbs Verkeers Begeleidend Systeem. Systeem voor de veilige en snelle begeleiding van het scheepvaartverkeer.
verkeers begeleidend systeem V.B.S. Systeem voor de veilige en snelle begeleiding van het scheepvaartverkeer.
verladers Opdrachtgevers, (industriële) bedrijven die goederen vervoerd willen hebben.
verplaatsingsnetwerk Onderdeel van een netwerk waarover, tussen knooppunten, goederenstromen verplaatst worden.
vervoerders Uitvoerders, bedrijven die goederen transporteren.
vrachtplatform Deel van de luchthaven waar vliegtuigen met vracht worden geladen en gelost.
vrijhandelszone Speciaal gebied waarin belastingvrij gehandeld kan worden.
- W -warehousingDit is hetzelfde als 'opslag'. Goederen bewaren, bijvoorbeeld in loodsen, containers (stukgoed), opslagtanks (olie), silo's (graan) of los gestort op bedrijfsterreinen (erts), totdat ze verder bewerkt worden.
- X -Terug naar de Index- Y -Terug naar de Index- Z -Terug naar de Index
|