![]() |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Holtedieren
Buiten een kleine groep holtedieren zoals de ribkwalletjes, is het overgrote deel van de holtedieren, zoals kwallen, zeeanemonen, koralen en poliepen, uitgerust met netelcellen. Vaak wordt deze groep dan ook aangeduid als "neteldieren". Holtedieren zijn erg eenvoudig van lichaamsbouw. Het belangrijkste gedeelte van hun lichaam is een uit twee lagen bestaande, holle buis, met aan de bovenzijde één uitgang, de zogenaamde "mond". Die mond wordt meestal omringd door een tentakel krans. Via deze mond worden ook de afvalstoffen uitgescheiden, zodat hij dus ook als anus dienst doet. Bij een aantal holtedieren is er vaak sprake van meerdere levensfases: het holtedier kan zich als sessiele levensvorm gedragen, dus vastzittend als poliep of koraal, en als vrijzwemmende meduse (kwalachtig). Bij vrijwel alle soorten bestaan beide levensfases, maar zal bij de ene soort het kwalachtige stadium overheersen, terwijl een andere soort de poliepfase het grootste gedeelte van zijn leven zal innemen. Pas in de meduse fase ontstaan de geslachtsklieren en zullen zij hun zaadcellen en eitjes in het openwater lozen. Als in het openwater de bevruchting heeft plaatsgevonden zullen de daaruit ontstaande larven zich vastzetten op de bodem om zo weer een nieuwe kolonie hydroidpoliepen te vormen. Holtedieren komen in alle zeeën van de wereld voor. Slechts een klein aantal soorten heeft zich aan het zoete water kunnen aanpassen. Sommige soorten, en dan vooral koralen, zijn in het tropische water van erg groot belang en vormen de basis van een hele grote ingewikkelde voedselketen. Harde- of steenkoralen zijn zelfs verantwoordelijk voor het ontstaan van riffen en eilanden.
| |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Terug naar Flora & Fauna | Laatste update 13 maart 2007 |