Vragende Voornaamwoorden
Er zijn in het Engels meerdere vragende voornaamwoorden. Welke je gebruikt hangt af van welke informatie je wilt hebben.
| |
vraagt naar personen: WIE? | |
| Vb: Who is that woman? | ||
| |
vraagt naar zaken of dieren: WAT? | |
| Vb: What are you doing? | ||
| |
vraagt naar personen, dieren of zaken uit een beperkt aantal: WELKE? | |
| Vb: Which do you prefer: coffee or tea? | ||
| |
vraagt naar een tijdstip: WANNEER? | |
| Vb: When are you going to do your homework? | ||
| |
vraagt naar een plaats: WAAR? | |
| Vb: Where is my new bike? | ||
| |
vraagt naar een reden: WAAROM? | |
| Vb: Why are you always teasing me? | ||
| |
vraagt naar een manier: HOE? | |
| Vb: How did you get here? By bus or on foot? | ||