INDEX :
- A -Aanslag op Amsterdampoging van prins Willem II in 1650 om het verzet van de Staten van Holland te breken die de troepen wilden afdanken. Akte van Harmonie Zeeland, Groningen en Fiesland aanvaarden in 1670 het besluit van Holland (verwoord in het Eeuwig Edict van 1668), maar zij lieten prins Willem III toe tot de Raad van State en stelden hem het kapitein-generaalschap op zijn drieentwintigste in het vooruitzicht. Akte van Seclusie belofte in 1654 gedaan van de Staten van Holand aan Engeland om nooit meer een Oranje tot stadhouder of admiraal van Holland te zullen benoemen en nooit in de Staten-Generaal zijn aanstelling tot kapitein- en admiraal-generaal van de Unie te zullen steunen. ambtenbegeving het recht van regenten om lucratieve ambten weg te schenken aan familieleden of vrienden, een van de negatieve kanten van de regentenfunctie ambtenverkoop in de 18de eeuw door de burgerij verlangde regeling voor de verdeling van ambten van de regenten, kwam in de plaats van de ambtenbegeving Anglo-Bataafs Condominium 1706-1716: gezamenlijk bewind van Engeland en de Republiek over de op Filips V van Spanje veroverde gebieden in de Zuidelijke Nederlanden (Vlaanderen en Brabant)
- B -barrièrestedengordel van vestingsteden in Zuidelijke Nederlanden waarin troepen van de Republiek werden gelegerd tegen de Franse agressie (vanaf 1697) barrièretractaat overeenkomst van 1715 tussen de Republiek en Oostenrijk waarbij de eerste werd toegestaan garnizoenen te leggen in een achttal steden in de Zuidelijke Nederlanden
- C -cabaleneen officieel stuk, waarbij een aantal regenten zich onderling verbond, alle macht aan zich en hun familie te houden en om beurten alle vrijgekomen ambten te vergeven Calvinisme reformatorische leer die teruggaat op denkbeelden en geschriften van Johannes Calvijn Chatham 1667: de vernietiging en gedeeltijke buitmaking van de Engelse vloot in de monding van de Theems door De Ruyter tijdens de Tweede Engelse Oorlog Classicisme stijlperiode die gekenmerkt wordt door de navolging van het schoonheidsideaal uit de Griekse en Romeinse oudheid contract van correspondentie een officieel stuk, waarbij een aantal regenten zich onderling verbond, alle macht aan zich en hun familie te houden en om beurten alle vrijgekomen ambten te vergeven coöptatie systeem waarbij aanvulling van openvallende plaatsen in een bestuur geschiedt op aanwijzing van de nog zittende bestuursleden
- D -Dissentersin de Republiek verstaat men daaronder protestantse richtingen die niet calvinistisch waren (bijvoorbeeld Lutheranisme en Remontrantse Broederschap) doelist aanhanger van een democratische partij, die in 1747 in de Kloveniersdoelen te Amsterdam vergaderde en aan stadhouder Willem IV bepaalde eisen stelde Doelistenbeweging 1748: stroming onder de burgerij die de regentenmacht wilde beperken door hen de ambtenbegeving te ontnemen en door van belastingpacht en posterijen staatsinstellingen te maken. Via de gilden wilden zij invloed van de burgers op de benoemingen in stadsbestuur en krijgsraad. Drente Het landschap Drente had een eigen Statenvergadering, die het landschap bestuurde, maar deze Staten mochten geen afgevaardigden zenden naar de Staten-Generaal. Wel zelfbestuur, maar dus geen invloed op het landsbestuur.
- E -eerste stadhouderloos tijdperkperiode tussen 1650 en 1672: Willem II overlijdt plotseling aan pokken op 6 november 1650 en zijn zoon (de latere Willem III) wordt geboren op 14 november 1650 en is dus te jong om zijn vader op te volgen. De Loevesteiners grijpen de macht. Eeuwig Edict 1667: verklaring van de Staten van Holland dat het ambt van stadhouder in hun gewest werd opgeheven en dat het kapitein-generaalschap onverenigbaar werd verklaard met de stadhouderlijke functie in enige provincie; het besluit had de bedoeling de politieke en militaire waardigheden van de Oranjes te scheiden
- F -factieinformele, door gemeenschappelijke belangen of familierelaties bijeengehouden groepjes regenten
- G -Gedeputeerde Statencollege van raadsheren dat in de Republiek het dagelijks bestuur voerde over een gewest Geheime Raad (ingesteld in 1531) raad van juristen die zich bezig hield met wetgevende en administratieve taken in de regering van de Nederlanden Generaliteitslanden begin 17de eeuwse veroveringen van de Republiek. Deze gebieden werden niet als volwaardig binnen de Unie opgenomen, ze hadden geen zelfstandig bestuur of stemhebbende afvaardiging en werden vanuit Den Haag door de Staten-Generaal bestuurd. gewest provincie van de Republiek der verenigde Nederlanden. Zeven gewesten: Gelderland (hertogdom), Holland, Zeeland, Utrecht, Friesland, Overijssel en Stad en Lande. Gewestelijke Staten vergadering van afgevaardigden van de standen (adel, soms ook geestelijkheid, steden, soms ook platteland) uit een gewest. Oospronkelijk een college voor advies aan en overleg met de vorst. Vanaf 1588 in de noordelijke gewesten zelfstandig. Gouden Eeuw 17de eeuw, gebruikelijke benaming voor de bloeiperiode van welvaart, macht, kunst en wtenschappelijke ontwikkeling in de Republiek Groningen komt als zevende (laatste) gewest bij de Republiek in 1594. Stad en omgeving (ommelanden) vormen samen het gewest. Groot Verbond van Wenen 1689: samenwerking van Spanje, Oostenrijk, enkele Duitse landen, Engeland en de Republiek. Geleid door prins Willem III en gericht tegen Frankrijk. GWC Geöctroyeerde West-Indische Compagnie, meestal WIC
- H -Hollandin 1572 kwamen de Staten van Holland voor het eerst op eigen initiatief bijeen. Tussen 1581 en 1588 werd de soevereiniteit definitief. Belangrijkste gewest van de Republiek. Oorspronkelijk graafschap Holland. Hugenoten Franse calvinisten, gevlucht naar de Nederlanden
- I -Terug naar de Index
- J -Terug naar de Index
- K -ketterpersoon waarvan de godsdienstige opvattingen niet in overeenstemming waren met het geldende rooms-katholieke geloof of die enkele leerstellingen daarvan verwierpen
- L -landgewestde armere, niet aan zee gelegen gewesten van de Republiek. De adel heeft er nog veel invloed. lastgeving instructie van de Gewestelijke Staten voor hun afgevaardigden naar de de Staten-Generaal Liga van Augsburg politiek en militair verbond van verscheidene Europese staten tegen de Franse machtsuitbreiding. Willem III was de promotor van deze liga. Loevesteiners Hollandse regenten die deze geuzennaam aannamen nadat prins Willem III zes van hun in 1650 op Loevestein gevangen had laten zetten
- M -Terug naar de Index
- N -Nationale Synode van Dordrecht1618-1619: calvinistische kerkvergadering waarin men de leer van Calvijn nadrukkelijk vastlegde Negenjarige Oorlog 1688-1697: oorlog tussen Frankrijk en de Republiek. De Nederlanden werden gaandeweg gesteund door de leden van het Groot Verbond van Wenen. nepotisme oneerlijke en onrechtmatige verdeling van ambten: vrienden of familie kregen de voorkeur boven personen die beter geschikt waren voor de functie
- O -oligarchieregering van een kleine groep personen uit de hogere klassen waarin buitenstaanders niet kunnen doordringen Oostenrijkse Successieoorlog 1740-1748: strijd die uitbrak toen het opvolgingsrecht van Maria Thersia van Oostenrijk door o.a. Frankrijk werd betwist en door de Republiek en Engeland werd erkend. De oorlog werd onder meer in de Zuidelijke Nederlanden uitgevochten.
- P -particularismede neiging van elk gewest zijn eigen gang te gaan en zich niets van de anderen aan te trekken patria vaderland patriciaat de sociale bovenlaag van de bevolking (adel en rijke burgerij) die de bestuursfucties in handen hadden en over het algemeen leefden van de opbrengst van hun bezittingen, men noemde hen patriciërs patriciër rijke kooplieden, samen ook wel patriciaat genoemd patriot aanhanger van een democratisch gezinde partij die in de Noorlijke Nederlanden omstreeks 1750 en in de Zuidelijke Nederlanden ca. 1785 ontstond en die zich vooral ontwikkelde onder de middengroepen van de bevolking en in het bijzonder onder de intellectuelen patriotten aanhangers van een democratisch gezinde partij die in de Noorlijke Nederlanden omstreeks 1750 en in de Zuidelijke Nederlanden ca. 1785 ontstond en die zich vooral ontwikkelde onder de middengroepen van de bevolking en in het bijzonder onder de intellectuelen plooierijen Oude en Nieuwe Plooi (1702-1708): de in het begin van het Tweede Stadhouderloze Tijdperk ontstane strijd om de functies tussen de regenten van voor 1672 en die van daarna prinsgezinden vanaf 1650, zij die een lid van het Huis van Oranje als stadhouder wensten en hem meer macht en invloed wilden geven dan de regenten hem toestonden. Op deze manier wilde men het ambtsbejag en de heerszucht van de regenten aan banden leggen. Provinciale Staten vergadering van afgevaardigden van de standen (adel, soms ook geestelijkheid, steden, soms ook platteland) uit een gewest. Oospronkelijk een college voor advies aan en overleg met de vorst. Vanaf 1588 in de noordelijke gewesten zelfstandig.
- Q -Terug naar de Index
- R -Raad van Stateadviesraad met in de Republiek als voornaamste taak het beheer van de Uniegelden voor de oorlogvoering en de administratie van het landleger raadpensionaris de voornaamste functionaris vande in Den Haag vergaderend Staten-Generaal en de Gecommitteerde Raden. Hij is te beschouwen als minister van Buitenlandse Zaken en als minister-president tegelijk van de Republiek. Rond hem draaide het dagelijks beleid van de Unie. rampjaar 1672 de Republiek werd door Frankrijk en Engeland gelijktijdig aangevallen regenten bestuurders van de steden in de Republiek. Meestal kwamen zij uit de rijke koopmansfamilies. republiek de korte aanduiding voor de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden (Holland, Zeeland, Utrecht, Groningen, Friesland, Gelderland en Overijssel). De vrede van Munster is het officiële begin van de Republiek en de Bataafse Republiek (1795) het eind. ruggespraak het halen van nieuwe instructies door de leden van de Staten-Generaal als tijdens de vergaderingen voorstellen ter sprake kwamen waarvoor zij geen opdracht van hun Gewestelijke Staten hadden gekregen.
- S -schutterijorganisatie van poorters die zelf een uitrusting konden aanschaffen en schuttersplicht hadden: zij moesten in vredestijd bewakingsdiensten in hun eigen stad verrichten en in oorlogstijd ingeschakeld worden bij de verdediging van die stad Spaanse Successieoorlog 1702-1713: strijd over de troonopvolging in Spanje tussen Engeland, de Republiek en Oostenrijk aan de ene kant en Frankrijk aan de andere kant staats bijvoorbeeld: staatse leger en staatse vloot; troepen en schepen die onder bevel stonden van de Staten-Generaal van de Republiek Staats-Brabant een van de generaliteitslanden staatsgezinden regenten die voor een grote macht van de regenten waren en weinig macht voor de stadhouder wensten Staats-Limburg generaliteitsland Staats-Vlaanderen generaliteitsland, huidig Zeeuws-Vlaanderen stadhouder aanvankelijk was een stadhouder de gemachtigde van de vorst in een gewest. Tijdens de Republiek werd de positie van de stadhouder tweeslachtig: aan de ene kant was hij de dienaar van de Staten, aan de andere kant had hij soevereine bevoegdheden als het recht van gratieverlening en het benoemen van magistraten. De stadhouder van van Holland was altijd stadhouder van meerdere gewesten, militair opperbevelhebber van de Unie en lid van de Raad van State. stadhouderloos periode dat er geen stadhouder was aangesteld en de Staten dus meer macht hadden Staten-Generaal aanvankelijk een lichaam waarin afgevaardigden van alle Gewestelijke Staten zitting hadden zodat de vorst niet voor zijn bedeaanvragen e.d. alle gewesten hoefde af te reizen. Tijdens de Republiek het lichaam dat de gemeenschappelijke zaken van de zelfstandige gewesten regelde zoals Buitenlandse Zaken, Defensie, Uniekas, bestuur van de generaliteitslanden en het oppertoezicht op de VOC en WIC.
- T -triple alliantie1668: bondgenootschap tussen de Republiek, Engeland en Zweden en gericht tegen Frankrijk. 1717: bondgenootschap tussen de Republiek, Engeland en Frankrijk, men garandeert elkaars grondgebied en men verzekert elkaar de Vrede van Utrecht te zullen handhaven. tweede stadhouderloze tijdperk periode tussen 1702 en 1747 waarin geen stadhouder regeert. Periode tussen de regeringsperioden van de stadhouders Willem III en Willem IV, bij uitstek de periode waarin de regenten de macht hadden. Door termen als oligarchie en groepsbevoordeling heeft deze periode een slechte naam gekregen.
- U -Terug naar de Index
- V -verdrag met Frankrijk1662: offensief en defensief verbond tussen de Republiek en Frankrijk Verenigde Oost-Indische Compagnie in 1602 opgerichte handelsonderneming die van de Staten-Generaal het monopolie kreeg voor het handeldrijven ten oosten van de Kaap de Goede Hoop Verenigde Provinciën zie Republiek verlicht despotisme staatsvorm met absolute macht bij de vorst en die door de verlicht ideeën van de tijd is beïnvloed: niets door het volk, alles voor het volk verlichting rationalistische en sceptische stroming in het denken in de 18e eeuw VOC afkorting voor Verenigde Oost-Indische Compagnie Vrede van Aken bestand gesloten in 1748 die de Oostenrijkse Successieoorlog beëindigde; de Zuidelijke Nederlanden komen opnieuw onder Oostenrijks bestuur en de Staten mogen opnieuw garnizoenen leggen in de ontmantelde barrièresteden. Vrede van Munster maakte in 1648 een eind aan de tachtigjarige strijd met Spanje dat hierbij de onafhankelijkheid van de Republiek erkende. De katholieken verwierven geen rechten en sluiting van de Schelde werd aanvaard. Vrede van Nijmegen 1678: beëindigde de oorlog tussen de Republiek en Frankrijk vriendschappen officiële stukken, waarbij een aantal regenten zich onderling verbond, alle macht aan zich en hun familie te houden en om beurten alle vrijgekomen ambten te vergeven vroedschap wetgevende vergadering van een stad in de Noordelijke Nederlanden
- W -waardgelderstroepen die door de steden in dienst werden genomen ter handhaving van de orde waterlinie verdedigingsgordel langs de Utrechts-Hollandse grens die aan het eind van de 16de eeuw ontworpen is waterschappen organisaties die verordeningen maken voor het lozen van overtollig water en voor het onderhoud van de dijken en die letten op de naleving ervan Westfaalse Vrede 1648: gezamenlijke naam voor de vredes van Munster en Osnabruck die respectievelijk een einde maakten aan de Tachtigjarige en de Dertigjarige Oorlog West-Indische Compagnie WIC, (ook (GWC) handelsonderneming die van de Staten-Generaal het octrooi kreeg om handel te drijven ten westen van de Kaap de Goede Hoop, dat wil zeggen op de westkust van Afrika en in Amerika WIC afkorting voor West-Indische Compagnie
- X -Terug naar de Index
- Y -Terug naar de Index
- Z -zeegewestde rijke aan zee gelegen gewesten van de Republiek: Holland en Zeeland. Veel meer rijkdom dan in de agrarische landgewesten en domineerden in het bestuur van de Republiek. De burgers regeren er, dit in tegenstelling tot de landgewesten waar de adel nog veel macht bezat.
Niets uit deze site mag worden overgenomen zonder toestemming. Best te bekijken met MIE 4.0, 800x600 pixels. |