
Ka, in het oude Egypte woord voor de ziel. ..
Ka'aba, Islamitisch heiligdom in Mekka waarin zich de zwarte steen (meteoriet) bevindt.
Kaapkolonie [Zuid Afrika], tot 1795 bestuurd door de Nederlandse V.O.C. In 1806 definitief in Engelse handen.
Kaapvaart, met officiële toestemming (kapersbrief) van de regering vijandelijke schepen buit maken.
Kaas en Brood volk, opstandige Noord Hollandse boeren die zich verzetten tegen de keizerlijke belastingpolitiek (1491 - 1492).
Kabinet, de gezamenlijke ministers en staatssecretarissen.
Kabinetscrisis, dreigend aftreden van het kabinet door a) onderlinge onenigheid van de kabinetsleden of door b) onenigheid tussen kabinet en Tweede Kamer.
Kabinetsformateur, zie formateur. [kabinetsformatie]
Kabinetskwestie, mededeling van het kabinet te zullen aftreden als de Kamer een door het kabinet ongewenste beslissing neemt.
Kabouterpartij (1970), ludieke uit de Provobeweging ontstane politieke partij (anti autoritair en milieubewust).
Kadar, Janos (1912- 1989), Hongaars communistisch politicus. Na de Hongaarse Opstand partij secretaris (1956 - 1988) en minister president (1956 - 1958; 1961 - 1965).
Kadaster, officieel register waarin het grondeigendom is opgetekend.
<<<
Kaddafi, Moe'ammaral (1938- ), Libisch militair en politicus. Na staatsgreep (1973) de militaire- en politieke leider van Libië.
Kadetten (1905), Russische liberale partij.
Kaffers, algemene benaming voor Zuid Afrikaanse Bantoes.
Kafferoorlogen (1779 - 1878), strijd tussen de Zuid-Afrikaanse blanke kolonisten en de, uiteindelijk onderworpen, zwarte Bantoe bevolking.
Kalender, 1) tijdsindeling beginnend bij een bepaalde gebeurtenis, 2) jaarindeling in maanden weken en dagen.
[De Gregoriaanse kalender werd niet in Rusland ingevoerd]
<<<
Kaliber, maat om afmeting en zwaarte van vuurwapens aan te geven.
Kalief, opvolger van de profeet Mohammed. Hoogste wereldlijke en geestelijke leider in een moslimstaat.
Kalifaat, het gebied waarover een kalief gezag heeft. [Kalifaat van Bagdad]
Kalinin, Michail (1875 - 1946), staatshoofd USSR (1919 - 1946) en lid van het
politburo (1926 - 1946).
Kaltenbrunner, Ernst (1903 -1946), Oostenrijkse Nazi, medeverantwoordelijk voor het uitroeien van de joden, werd na het proces van Neurenberg als oorlogsmisdadiger ter dood veroordeeld.
Kamenev, Lev (1883 - 1936), Russisch communistisch politicus. Na Lenins dood lid van het driemanschap met Stalin en Zinovjev. Werd in 1936 weggezuiverd en geëxecuteerd.
Kamerfractie, de gezamenlijke politici, die een partij in een gekozen orgaan vertegenwoordigen.
[De kamerfracties van PvdA en VVD moesten nu gaan samenwerken]
Kamerlingh Omnes, Heike (1853 - 1926), Nederlands natuurkundige.
Kamerontbinding, recht van de Regering de Eerste en Tweede Kamer te ontbinden. Er volgen dan kamerverkiezingen.
Kamer van Volksvertegenwoordigers, de in België met algemeen kiesrecht gekozen volksvertegenwoordiging van 150 leden met een zittingsduur van vier jaar.
Wikipedia
Kamikazepiloot, Japanse zelfmoordpiloot die zich in W.O.II tegen zijn doel te pletter vloog.
Kandidaat, iemand die zich beschikbaar stelt voor een bepaald ambt. [Hij stelde zich kandidaat voor het voorzitterschap]
Kandidatenlijst, lijst van kandidaten voor een verkiesbare plaats in een vertegenwoordigend of bestuurlijk orgaan.
Kandinsky, Vassily (1866 -1944), Russisch (abstract) schilder.
Kaninefaten, Germaanse stam wonend in de kuststreek van Noord Holland.
Kanonnade, beschieting met kanonnen.
Kanselier, eerste minister van een vorst.
Kant, Immanuel (1724 - 1804), Duits filosoof.
Kanton, onderdeel van een groter gebied. 1) Zwitserland bestaat uit 22 vrij zelfstandige kantons . 2) het rechtsgebied van de kantonrechter.
Kantongerecht, laagste rechterlijk orgaan in Nederland. Er zijn 61kantongerechten. Het K. houdt zich bezig met overtredingen en civiele zaken tot en met f.5000.- [kanton, kantonrechter]
Kanunnik, geestelijke, lid van het bisschoppelijk kapittel.
Kapel, meestal vrij klein bedehuis, uitbouw van kerk.
Kapelaan, geestelijke die de pastoor helpt in de parochie.
Kapitaal, (meestal) grote som geld.
Kapital, das, boek van Marx waarin hij de grondslagen van het Kapitalisme analyseert. Door samengaan van bedrijven (concentratietheorie) en door opeenhoping van kapitaal (cumulatietheorie) zou door steeds terugkomende crises (crisistheorie) het aantal bezitters kleiner en het aantal bezitlozen groter worden. Uiteindelijk zou er een grote crisis komen (der grosze Kladerdadatsch.) waardoor het Kapitalisme aan zich zelf te gronde zou gaan.
Kapitalisme, economisch stelsel waarin de productiemiddelen in handen zijn van particulieren, die alleen produceren als er winst te maken is.
Kapiteel, bovenste deel van een zuil. Aan de versiering kan men zien met welke stijl men te maken heeft (Dorisch, Ionisch, Korinthisch.)
<<<
Kapitein, gezagvoerder van een schip, officiersrang (tussen luitenant en majoor).
Kapitein Generaal, opperbevelhebber van het leger tijdens de Republiek. Het ambt werd vervuld door de stadhouders.
Kapittel, de gezamenlijke geestelijken van een kathedraal. Het K. adviseert de bisschop.
Kappeyne van de Coppello, Joannes (1822-1895), Nederlands liberaal politicus en minister. Verbeterde de lager onderwijs wetgeving.
Kapp Putsch (1920), een door rechtse elementen ondernomen staatsgreep tegen de sociaal democratische Duitse regering. Kapps poging mislukte door de algemene staking die volgde.
Karabijn, geweer met korte loop.
Karamanlis, Konstantinos (1907-1998 ), Grieks conservatief politicus, minister president (1955-1962,1974-1980) en president (1980-1985).
Karavaan, groep kooplieden met kamelen.
Kardinaal, een door de paus aangewezen geestelijke die hem helpt bij het besturen van de kerk. De gezamenlijke kardinalen kiezen uit hun midden de nieuwe paus.
Kardoes, papieren huls gevuld met buskruit voor het afschieten van een kogel.
Karel de Stoute (1433-1477), Bourgondisch hertog (1467-1477). Streefde naar aaneenvoeging van zijn gebieden. Sneuvelde bij Soissons (Fr.)
. Wikipedia
Karel I (1600-1649), koning van Engeland, Schotland en Ierland (1625-1649). Raakte in conflict met het Parlement. Een burgeroorlog volgde. Karel verloor en werd onthoofd.
Karel II (1630-1685), koning van Engeland, Schotland en Ierland (1660-1685). Met hem begon de Restauratie.
Karel de Grote (742-814), koning der Franken (768-814) en Rooms keizer (800- 814). Was de belangrijkste vorst uit het Karolingische huis. Onder zijn regering werd West Europa weer een enigszins georganiseerde politieke eenheid op christelijke basis.
Karel de Kale (823-877), koning der Franken (860-877) en Duits keizer (875- 877). Bij het verdrag van Verdun (843) verdeelde hij het rijk onder zijn drie zoons.
Karel V (1500-1558), koning van Spanje (1516), heer der Nederlanden (1515) en keizer van Duitsland (1519). Machtigste vorst uit de 16de eeuw.
Karel X (1757-1836), uit het huis Capet, broer van Lodewijk XVI. Koning 1824-1830, voorstander van een absoluut koningschap. Deed troonsafstand tijdens de Juli Revolutie..
Karel XII (1682 - 1718), koning van Zweden 1697 tot 1718 . Hij streefde tevergeefs naar de Zweedse hegemonie rond de Oostzee
Karel Martel (689-741), Frankisch hofmeier (714-741). Versloeg de Arabieren bij Poitiers (732).
Karikatuur, spotprent.[Hij maakte er een karikatuur van = het belachelijk maken]
Karma, de afweging van alle goede en slechte daden van de mens, van belang voor de reïncarnatie.
<<<
Karolingen (751-1012), middeleeuws Frankisch vorstengeslacht.
Karolingische Renaissance, bloeiperiode in de West Europese cultuur in de 8ste en 9de eeuw.
Karos, statierijtuig getrokken door vier of meer paarden. [De gouden koets is een karos].
Kartel, samenwerking van bedrijven bij productie en prijsstelling om zo beter te kunnen concurreren.
Karveel, snelzeilend zeilschip met gladde scheepshuid.
Karwei, herendienst, werk. [Een heitje voor een karweitje]
Kasavoeboe, Joseph (1917-1969), Zaïrees politicus. De eerste president van Zaïre (1960-1965).
Kaste, een door geboorte bepaalde , streng van andere kasten gescheiden groep. Meestal is er een bepaalde rangorde in de kastenmaatschappij (Voor Indië).
Kasteel,burcht.
Katafalk, bij een officiële plechtigheid verhoging (baar) waarop een lijkkist is geplaatst.
Katanga [oost Zaïre], in 1960 scheidde K. zich af van het pas onafhankelijk geworden Zaïre(Blgisch Kongo). De VN intervenieerde.
<<<
Katapult, slingerwerkutig. [De Romeinse jongen schiet met een katapult naar de vogels)]
Katharen, middeleeuwse christelijke sekte. Wilde de rooms katholieke kerk zuiveren van onchristelijke invloeden. Leefden vooral in Zuid Frankrijk.
Kathedraal, kerk van de bisschop.
Katyn, plaats in Rusland waar een massagraf van door de Russen in W.O. II geexecuteerde Poolseofficieren werd gevonden.
Kaunda, Kenneth (1924), president (1964-1991) van Zambia.
Kazemat, onderaards versterkt gewelf in vestingwerk.
Keizer, hoogste vorstelijke titel.
Keitel, Wilhelm (1882-1946), Duits veldmaarschalk, tijdens W.O.II chefstaf van de Wehrmacht, werdals oorlogsmisdadiger terechtgesteld.
Kedive, onderkoning van het Osmaanse Egypte.
Kekkonen, Uhro (1900-1986) Fins regeringsleider ( 1950-1953; 1954-1956) en president (1956-1981).
Kelten, Indo-Germaans volk. Viel ca. 900 v.chr. vanuit Centraal Europa West Europa binnen. Vele Keltische overblijfselen zijn er in Bretagne, Wales en Ierland.
Wikipedia
Kemal Pasja, zie Atatürk
Kempei Tai, tot 1945 de Japanse geheime politie.
Kennedy, John (1917-1963), Amerikaans democratisch politicus en president (1960-1963). Werd in 1963 vermoord.,kaleidoscoop
Kennedy, Robert (1925-1968), Amerikaans democratisch politicus, minister en presidentskandidaat (1968). Werd vermoord.
Kenyatta, Jomo (1893-1978), Oost-Afrikaans politicus. Na de onafhankelijkheid van Kenya (1963) minister president en president (1964 -1978).
Kepler, Johannes (1571-1630), Duits astronoom. Opsteller van de zgn. wet van Kepler.
Keramiek, de kunst van het maken van aardewerk, porselein e.d.
Kerenski, Aleksandr (1881-1970), Russisch sociaal democratisch politicus (mensjewiek). Na de februarirevolutie (1917) minister president. Werd in oktober 1917 door de bolsjewiki verdreven.
Kerfstok, stok waarop d.m.v. kerven schulden kunnen worden aangegeven. [Hij heeft iets op zijn kerfstok]
Kerkelijke Staat (754-1870), wereldlijk gebied van de pausen in Midden Italië. De K. kwam in 754 tot stand door een schenking van Pippijn de Korte.
Kerker, gevangenis, meestal in burcht of kasteel.
Kerkeraad, gekozen bestuur van een protestantse kerkelijke gemeente.
<<<
Kerkvader, leider-leraar-schrijver in de vroeg christelijke kerk.
Kerkvergadering, vergadering van kerkelijke leiders.
Kernstopakkoord (1963), verdrag tussen de USSR en de VS ter voorkoming van bovengrondse kernproeven.
Kerstenen, tot christen maken. [Karel de Grote kerstende de Saksen]
Ketter, afvallige, iemand die het niet eens is met het gangbare geloof.
Ketterij, afvalligheid van het gangbare geloof.
Kettingberen, in het voormalige Nederlands Indië, aan elkaar geketende gestrafte koelies of inlanders. Vaak dragers van uitrusting en bagage voor het leger.
Keur, keuze, verordening. [De meesters veranderden de gildekeur]
Keurmede, het beste stuk (bezit) van een horige dat bij diens dood aan de heer kwam.
Keurvorst, Duits vorst die het recht had de keizer mee te helpen kiezen.
Keynes, John (1883-1942), Engels econoom. Voorstander van vergaande overheidsbemoeienis met het economisch leven.
KGB, sovjetrussische geheime politie.
Khan, Mongoolse titel.
Khartoem [ Soedan], bekend door de Mahdiopstand.
Khomeini, ayatollah Ruhollah (1900-1989), Iraans moslimleider, keerde in 1979 na jarenlange ballingschap terug. Na 1980 hoogste geestelijke leider met groot politiek gezag.
<<<
Kibboets, joodse nederzetting in Palestina/Israël; (agrarische) productie en exploitatie op collectieve basis.
Kielhalen, oude straf op een 17de/18de eeuws oorlogsschip.. De veroordeelde werd een of meerdere keren met touwen onder de scheepskiel doorgehaald.
Kiesdeler, het aantal stemmen dat een partij moet hebben om voor een zetel in aanmerking te komen. De kiesdeler wordt bepaald door het totaal aantal uitgebrachte geldige stemmen te delen door het aantal te verdelen zetels. [10000 stemmen : 10 zetels = 1000 (kiesdeler)]
Kiesdistrict, 1) gebied met een bepaald aantal kiezers; 2) gebied dat direct een vertegenwoordiger kiest.
Kiesdrempel, het minimum aantal/percentage stemmen dat een partij nodig heeft om zich te kunnen laten vertegenwoordigen.
Kieskring, bij de kamerverkiezingen is Nederland verdeeld in 18 gebieden, de kieskringen.
Kiesman, persoon die door de kiezers wordt aangewezen om de eigenlijke keuze te doen. Bij de Amerikaanse presidentsverkiezingen wordt formeel met een college van kiesmannen gewerkt.
Kiesrecht, het recht om te mogen stemmen. Het K. kan algemeen zijn of beperkt (censuskiesrecht, mannenkiesrecht). In Nederland is algemeen kiesrecht. Voorwaarden : Nederlander, 18 jaar en ingezetene.
Wikipedia
Kiesrijk, rijk waarin de vorst wordt gekozen. De vorstelijke macht is dus niet erfelijk. Het Duitse Keizerrijk was een erfrijk.
Kikvorstrategie (Island hopping), Amerikaanse strategie, om door van eiland naar eiland te gaan, het verloren gegane terrein in de Pacific tijdens W.O.II te heroveren.
Kilt, geruite wollen rok van het Schotse nationale kostuum.
Kim II Soeng (1912-1997), partijsecretaris Noord Koreaanse communistische partij (1945), president (1972-1997).
Kinderarbeid, door kinderen verrichte arbeid. Tijdens de Industriële Revolutie nam de kinderarbeid in fabrieken schrikbarend toe.
Kinderkruistocht, in 1212 gehouden volkskruistocht voor een groot deel bestaande uit jonge gelovigen.
King, Martin Luther (1929-1968), Amerikaans predikant en zwartenleider. Was voorstander van Kippling, Rudyard (1865-1936), Brits schrijver. Verwoordde het Britse chauvinisme tijdens het Victoriaanse tijdperk.
Kirchner, Ernst Ludwig (1880-1938), Duits (expressionistisch.) schilder
Kirov, Sergej (1886-1934), Sovjetrussisch politicus, partijsecretaris van Leningrad. Werd in 1934 onder nog steeds onopgehelderde omstandigheden vermoord.
<<<
Kissinger, Henri (1923- ), Amerikaans republikeins politicus en minister van Buitenlandse Zaken (1968-1977). Beëindigde de Vietnamese oorlog (1973). Architect van de ontspanningspolitiek tussen de VS en de USSR. Nobelprijswinnaar.
Kitchener, Horatio (1850-1916), Brits maarschalk en minister van defensie. Vocht in Egypte en Zuid Afrika.
Klaagmuur, overblijfsel van de in 70 door de Romeinen verwoeste tempel in Jeruzalem, waar orthodoxe joden rouwen om het verloren godsrijk.
Klankschrift, schrift dat gebaseerd is op tekens die de klanken van de taal weergeven.(zie beeldschrift)
Klas(se), maatschappelijke groep met gemeenschappelijke kenmerken (arbeiders, burgers, kapitalisten).
Klassejustitie, rechtspraak waarbij een bepaalde klasse in de maatschappij wordt bevoorrecht.
Klassenloze maatschappij, samenleving waarin geen verschillen bestaan op grond van geboorte, maatschappelijke positie, bezit of inkomen.
Klassenmaatschappij, samenleving die meestal op financieel economische gronden in verschillende groepen is verdeeld. [De klasse der arbeiders en de klasse der fabrikanten]
Klassenstrijd, volgens Marx de strijd tussen de bezitters (kapitalisten) en de bezitlozen (proletariërs). Deze strijd zal uitmonden in de klassenloze maatschappij.
<<<
Klassiek, behorend tot de Griekse- of Romeinse Oudheid. [Klassieke Oudheid]
Klassieke grondrechten, de grondrechten die de individuele vrijheid garanderen tegenover de staat. Belangrijke rechten zijn persvrijheid, onderwijs- en godsdienstvrijheid, de vrijheid van vereniging en vergadering, het huisrecht, het briefgeheim en het eigendomsrecht.
Klee, Paul (1879-1940), Duits schilder.
Klein Duitse beweging (1848), groepering die, in tegenstelling tot de Groot Duitse beweging, zijn nationalistisch doel baseerde op een zuiver Duitse staat, dus zonder Oostentrijk-Honagarije.
Kleine Entente (1920,1922), bondgenootschap tussen Tsjecho Slowakije, Joegoslavië en Roemenië als beveiliging tegen Hongarije en Bulgarije.
Kleine visserij, de visserij op haring.
Kleine luyden, In het negentiende-eeuwse Nederland de lagere middenstand, veelal orthodox protestant. De door Kuyper opgerichte ARP werd hun politieke organisatie.
Kleio, Griekse mythologie: de muze van de geschiedenis.
Kleitablet, kleiplankje met schrifttekens.
Klerikalisme, . stroming die de r.k. kerk grote invloed wil geven in niet kerkelijke zaken (onderwijs, politiek)
Klerk ,Frederik de (1936), regeringsleider en staatshoofd van Zuid Afrika (1989 - 1994), bracht een dialoog op gang tussen blank en zwart over democratisering.
Wikipedia
Kleurling, Zuidafrikaan met blanke en zwarte voorouders.
Klimt, Gustav(1862-1918), Oostenrijks schilder (Jugendstil).
Klipper, snelzeilend vrachtschip.
Klokbekercultuur(ca 1800 v.C.), Europese cultuur. Overgang tussen steen- en bronstijd. Kenmerk: klokvormig vaatwerk.
Kloos, Willem (1859-1938), Nederlands dichter. Verzen, Nieuwe verzen
Klooster, woonplaats (gebouw) van monniken of nonnen. [kloosterling]
Kloostergelofte, gelofte die een kloosterling aflegt bij zijn intrede in een klooster.
Kloosterorde, groep kloosterlingen die dezelfde leefregels nakomen. [De Benedictijnen waren één van de eerste kloosterorden]
<<<
Kluizenaar, iemand die afgezonderd van de bewoonde wereld leeft. [Hij lijdt een kluizenaarsbestaan]
Knaap, = schildknaap, jongen die voor de ridder het schild droeg.
Knesseth, Israëlisch Parlement.
KNIL - Koninklijk Nederlandsch Indisch Leger - (1830-1950)
Knossos [Kreta],, centrum van de Minoïsche cultuur en beroemd door een reeks opgravingen.
Knots, dikke, topzware stok.
<<<
Knox, John (1513-1572), Schots kerkhervormer.
Knut de Grote (995-1035), Deens vorst en koning in Engeland (1016-1035).
Koch, Pyke (1901 - 1991), Nederlands schilder..
Koch, Robert (1843-1910), Duits arts en bacterioloog.
Koekoek, Hendrik (1912-1987), Nederlands politicus, oprichter van de Boerenpartij.
Koelak, Russische zelfstandige, meestal rijke boer. Tijdens Stalin werden de koelakken als klasse geliquideerd.camerascoop
Koelie, dagloner in Zuid Oost Azië.
Koelie-ordonnanties, regelden in Nederlands Indië de arbeidsvoorwaarden van geïmporteerde arbeidskrachten.
Koepelgraf, graf met koepelvormig aarden dak.
Koerden, Aziatisch volk voornamelijk wonend in Irak en Turkije dat streeft naar
Kofi Annan (1938), Ghanees diplomaat en secretaris-generaal van de VN (1997 - 2006)).
Kogge, middeleeuwse overnaadse koopvaarder met ronde boeg.
Kohl, Helmuth(1930), CDU politicus, bondskanselier (1982 - 1998), verbonden met de Duitse hereniging in1990.
Kok, Wim (1938), Nederlands socialistisch vakbondsleider en politicus, premier (1994-1998, 1998- ).
Kokoschka, Oskar (1886-1980), Oostenrijk schilder (expressionisme).
Kolbak,militair hoofddeksel met bontrand.
Kolchos, Sovjetrussisch collectief boerenbedrijf.
<<<
Kolonelsregiem (1967-1974), berucht Grieks militair bewind, ontstaan na een staatsgreep van hoge officieren.
Kolonie, overzees gebiedsdeel, volksplanting. [koloniseren, kolonisatie, kolonist, kolonisator]
Kolossaal, buitengewoon groot. [De piramide is een kolossaal bouwwerk]
Koltsjak, Aleksander (1873-1920), Russisch admiraal, leider van de witte contra revolutie.
Komedie, blijspel. [komediant]
Kominform (1947-1956), communistisch informatiebureau; doel coördinatie van de koers van de Europese communistische partijen.
Komintern (1919-1943), internationale bundeling van Communistische partijen. De K. werd vanuit Moskou geleid.
Kommunistisch Manifest, Communistisch Programma door Marx en Engels in 1848 gepubliceerd.
Kompas, apparaat waarmee de windstreken kunnen worden vastgesteld. Gebruikt bij de koersbepaling van zeeschepen.
Komsomol, (1918-1990), jeugdbeweging in de Sovjet Unie.
Koning Koopman, bijnaam van Willem I.
Wikipedia
Koningskwestie (1944-1951), crisis rond de Belgische koning Leopold III, die uiteindelijk leidde tot diens troonsafstand. Vooral Leopolds houding tijdens W.O.II ondervond veel kritiek
Koninklijk Besluit, door de Nederlandse regering officieel genomen maatregel. Een K. wordt door de koningin en de verantwoordelijke minister ondertekend.
Koninkrijk der beide Siciliën (1815-1860), Napels en Sicilië onder het huis Bourbon.
Koninkrijk Holland (1806-1810), Nederland onder Napoleons broer Lodewijk Napoleon.
Konstabel, onderofficier van de scheepsartillerie.
Konvooi,aantal koopvaardijschepen en beschermende oorlogsschepen.
Konvooien en licenten, in de 17de eeuw door de Republiek der Verenigde Nederlanden geheven in- en uitvoerrechten voor bekostiging van de oorlogsvloot.
Koopman ondernemer, koopman die niet alleen producten verhandelt maar zich ook bezig houdt met de vervaardiging van die producten.
Koor, achterste, vaak hoger gelegen deel van een middeleeuws kerkgebouw.
Kopiëren, overschrijven, namaken. [de monnik kopieerde de kroniek]
Kopten, christelijke sekte in Egypte.
<<<
Koran, het heilige boek van de Islam. Hierin staan de verzamelde uitspraken van Mohammed. De K. is verdeeld in 114 soera's (hoofdstukken).
Koreaanse Oorlog (1950-1953), na een aanval van het communistische Noord Korea op het niet communistische Zuid Korea, kwamen de VN met een voornamelijk Amerikaanse legermacht Zuid Korea te hulp. De Noord Koreanen werden geholpen door Chinese vrijwilligers. In 1953 werd er een wapenstilstand gesloten.
Korinthisch, Grieks klassieke bouwstijl. Het kapiteel van de zuilen is versierd met acanthusbladeren.
Kornet, aspirant officier bij artillerie en cavalerie.
Kornilov, Lavr (1870-1918), Russisch generaal. Ondernam in 1917 een staatsgreep tegen de nieuwe regering. Werd met behulp van de Bolsjewiki verslagen.
Kort geding, een geschil dat snel moet worden beslist kan door een uitspraak van de president van de rechtbank voorlopig worden geregeld.
Korte Parlement, een door de Engelse koning Karel I bijeengeroepen (april 1640) en kort daarop (mei 1640) weer ontbonden parlement.
Kortrijk [Zuidwest België], hier had de Guldensporenslag plaats.
Korvet, klein, licht bewapend oorlogsschip.
Kosmonaut, ruimtevaarder.
<<<
Kosmopoliet, wereldburger, iemand die de wereld als zijn vaderland beschouwt. [kosmopolitisme, kosmopolitisch]
Kosmos, het geordende (tegenovergestelde de chaos, het ongeordende)
Kossuth, Lajos (1802-1894), Hongaars vrijheidsstrijder.
Kosygin, Alexej (1904-1980), Sovjetrussisch politicus en minister president (1964- 1980).
Koude oorlog (ca. 1947 - ca. 1962), de zeer koele verhouding tussen de communistische (USSR) en de niet-communistische (VS) wereld, die vaak een bijna oorlog karakter kreeg. Crises in de K. waren De blokkade van Berlijn, de Koreaanse Oorlog, Suezcrisis, Hongaarse opstand, de Muur, en de Cubacrisis.camerascoop
Kouseband, orde van de , de hoogste en zeer exclusieve Engelse ridderorde.
Kozak, Russische gewapende ruiter.
Kraakbeweging, in de jaren zeventig en tachtig Nederlandse beweging die, op soms zeer agressieve manier, protesteerde tegen leegstand van panden ondanks het tekort aan woonruimte.
Krediet, vertrouwen in iemands betalingsvermogen; iemand later doen betalen voor geleverde goederen.
Kremlin, 1)oud Russisch versterkt stadsdeel; 2) het Russisch bestuurscentrum in Moskou.
Wikipedia
Kretenzers, inwoners van Kreta. [kretensisch]
Krijgsraad, militair gerechtshof.
Krimoorlog (1853-1856), oorlog tussen Rusland enerzijds en het Turkse Rijk, Engeland en Frankrijk anderzijds. Achtergrond van dit conflict het Russische verlangen de Balkan te beheersen i.v.m. de "warmwaterpolitiek".
Krishna, belangrijke figuur in het hindoeïsme.
Kristallnacht (9/10 november 1938), nacht waarin meer dan 250 Duitse synagogen in brand werden gestoken. Tienduizenden joden werden opgepakt.
Kroniek, jaarboek, in tijdsvolgorde vermelde gebeurtenissen.
Kroon, de, koning en ministers.
Kroondomein, grondgebied van de vorst (de staat).
Kroonkolonie, Engelse kolonie, die direct vanuit Londen wordt bestuurd (bijv. de Falkland eilanden).
Kroonlid, een door de Kroon aangewezen lid van een (bestuurs)college. [De Kroonleden van de SER stemden tegen]
Kroonprins, de troonopvolger. [kroonprinses]
Kropotkin, Peter (1842-1921), Russisch theoreticus van het anarchisme.
Krüger, Paul (1825-1904), Zuid Afrikaans politicus en minister president van Transvaal (1883-1904). Maakte tijdens de Tweede Boerenoorlog een reis naar Europa om daar steun te verkrijgen
tegen Engeland.
<<<
Krügertelegram (1900), gelukstelegram van keizer Willhelm II n.a.v. de mislukte Jamessonraid.
Kruisgewelf, twee haaks op elkaar gemetselde tongewelven.
Kruiser, snelvarend oorlogsschip.
Kruistochten (1096-1270), tochten door het christelijke Westen ondernomen om het Heilige Land op de Turken te veroveren. Er waren in totaal acht K. Het eigenlijke doel werd slechts tijdelijk bereikt. Van blijvende betekenis was het contact van West Europa met de hogere culturen van Byzantium en de Islam en de toegenomen macht van de nationale vorsten.
Kruisvaarder, deelnemer aan een kruistocht.
Krupp, Duitse familie van staal- en wapenfabrikanten.
Ku Klux Klan (KKK) ontstaan na de Amerikaanse Burgeroorlog. Eerst legale later illegale beweging in de VS die zich verzet tegen alles wat on-Amerikaans is, zoals katholieken, joden, negers en socialisten. Zij verzamelen zich 's nachts, in het wit gekleed en gemaskerd en verbranden vaak op hun bijeenkomsten een kruis.
Kubisme(begin 20ste eeuw), kunststijl die vormen terugbrengt tot lijnen en vlakken.
Kulturkampf (1872-1879), strijd van Bismarck tegen de grote invloed van de rooms katholieke kerk, met name op het onderwijs.
Kultuurkamer, een tijdens de bezetting door de Duitsers ingestelde overkoepelende organisatie voor Kunst en Cultuur. Allen daarbij betrokkenen, uitgezonderd joden, waren ,wilden zij kunnen werken, tot lidmaatschap verplicht.
Kun, Bela (1886-1939), Hongaars communistisch revolutionair.
Kuras, borst- en rugharnas.
<<<
Kuyper, Abraham (1837-1920), theoloog en anti revolutionair politicus, minister president (1901-1905). Oprichter van de ARP. Bekend gebleven door de Eerste Spoorwegstaking (1903).
KVP, Katholieke Volks Partij, Nederlandse katholieke partij opgericht in 1945. Vormde in 1973 met ARP en CHU het CDA.
Kwakzalver, iemand die onbevoegd de geneeskunde uitoefent.
Kwartier, 1) onderdeel van een familiewapen; 2) tijdelijke huisvesting van een soldaat.
Kwelder, buitendijkse grond, die alleen bij hoge vloed onderloopt.
Kwo min tang, voortzetting van de door Soen yat Sen in 1905 opgerichte Chinese nationalistische partij. Had een groot aandeel in de totstandkoming van de Chinese Republiek.
Wikipedia