| Inleiding | Middeleeuwen | Renaissance | Barok | Klassiek | Romantiek | XXste eeuw |
-Middeleeuwen- |
|||||||||||||||||||||||
|
Inleiding Voor en tijdens de regeringsperiode van Karel de Grote is er een grote politieke en economische staat ontstaan: het Frankische keizerrijk. In de kunst spreken we van de Karolingische Renaissance. Het in stand houden van een rijk dat zich van het huidige Noord-Duitsland heeft uitgestrekt tot en met de Pyreneeën en een deel van Italië in het Zuiden en tot aan de Russische grens in het Oosten, vraagt om eenheid van bestuur, recht enz. Maar ook een grote mate van eenheid in religie en eredienst draagt bij aan orde en rust. Daar is dus voortvarend aan gewerkt.
Gregoriaans
De oorsprong van het Gregoriaans ligt in de muziek van de Joodse synagoge. Daarom zijn als kenmerken uit de Joodse muziek te herkennen:
Diatoniek (Kerktoonsoorten) en syllabische (één toon per lettergreep) gezangen wijzen op invloed van de Griekse muziek. antifonaal gezang (wisselzang tussen koren) komt uit Syrië. Het Gregoriaanse repertoire bestaat uit 3000 overgeleverde melodieën. De belangrijkste functie van het Gregoriaans was de geloofsgemeenschap in een stemming van vroomheid te brengen. De muziek stond dus volledig in dienst van het geloof. Over hoe het Gregoriaans ritmisch moet worden uitgevoerd zijn de meningen verdeeld. Het is voldoende te weten, dat het ritme vrij is, dus niet gebonden aan vaste maatschema's. Uitvoering van het ritme wordt bepaald door de voordracht van de tekst. Het notenschrift dat in de oudste handschriften voor het Gregoriaans wordt gebruikt, is het neumenschrift. Dit is het begin van muzieknotatie in de westerse muziek: de toonhoogte is bij benadering gegeven als een soort geheugensteun, de ritmische structuur is niet gegeven.
Tot de twaalfde eeuw is het Gregoriaans een muziek in ontwikkeling. Daarna treedt het verval in door nieuwe ontwikkelingen zoals meerstemmigheid en de ontwikkeling van muziek met een vaste maatindeling (ritmische verdelingen in tweeën en drieën). Wat blijft zijn vele liturgische teksten waaronder de mis als basis voor nieuwe composities. In de RK Kerk behoort de mis tot de dagelijkse liturgie. De mis bestaat uit :
Zoals is gebeurd met meerdere vormen van oude muziek, wordt ook het Gregoriaans in de negentiende eeuw 'herontdekt' en zijn alle Gregoriaanse gezangen opnieuw uitgegeven. Tot op de dag van vandaag wordt bestudeerd hoe het Gregoriaans (en veel andere “oude” muziek) uitgevoerd moet worden. In principe wordt het Gregoriaans door mannen gezongen: in de RK Kerk bekleden vrouwen geen functies. Tot in de zestiger jaren van deze eeuw is dat zo geweest. Daarna is veel veranderd. Toch waren er sinds de vroegste Middeleeuwen naast kloosters met monniken ook kloosters met vrouwen (nonnen). Zij zongen in hun erediensten ook de kerkelijke gezangen en van een enkele vrouw is bekend dat zij een belangrijke bijdrage heeft geleverd aan de ontwikkeling van de muziek.
|
||||||||||||||||||||||