|
|
Muziekbegrippen oefenen | |
|
Lees eerst eens rustig alle begrippen door. Door op de luidsprekertjes te klikken krijg je meer uitleg en ook geluidsvoorbeelden te horen. Begin met muziekbegrippen 1 te oefenen.
Wil je meer, moeilijker ..... en zonder luisteroefeningen? Ga dan verder!
|
||
| Uitleg muziekbegrippen | ||
| Hieronder vind je uitleg over 16 begrippen. Door op het luidsprekertje te klikken krijg je verdere uitleg en een muziekvoorbeeld te horen. Wanneer je klikt op het "informatieteken" dan opent een nieuw scherm waar 56 muziekbegrippen worden toegelicht. | ||
| Begrip: | Betekenis: | |
| bas | Bas
betekent laag en komt op 3 manieren voor: - als instrument: basgitaar, contrabas - als stem: lage mannenstem - als partij: de laagst klinkende partij |
|
| canon | Verschillende
groepen zingen hetzelfde, alleen 'achter elkaar aan'. Denk aan het bekende 'Vader Jacob'. |
|
| compositie | Een muziekstuk kun je ook een compositie noemen. | |
| herhalen | Herhalen is iets nog een keer zingen of spelen zonder er iets aan te veranderen. | |
| melodie | Als je een
liedje zingt, zing je de melodie. Een melodie bestaat uit hoge en lage tonen. Melodie-instrumenten zijn o.a. : piano, gitaar, blokfluit, saxofoon,dwarsfluit, klarinet, trompet. |
|
| melodisch motief | Als het motief een klein melodietje is noem je het een melodisch motief. | |
| melodisch ostinato | Een melodie die steeds herhaald wordt noem je een melodisch ostinato. | |
| motief | Een klein stukje muziek van een paar tonen. Kan een ritme of een melodie zijn. | |
| ostinato | Ostinato betekent hardnekkig. Een stukje muziek dat steeds maar weer herhaald wordt, noem je een ostinato. | |
| partij | Een muziekstuk bestaat uit één of meerdere partijen: een melodiepartij, een tweede stem of een baspartij. | |
| ritme | Als je een
liedje klapt, dan klap je het ritme. Een ritme bestaat uit lange en korte tonen. Ritme-instrumenten zijn o.a. : bekken, trommel, tamboerijn, bongo, djembé, woodblock. |
|
| ritmisch motief | Als het motief een ritme is, noem je het een ritmisch motief. | |
| ritmisch ostinato | Een ritme dat steeds herhaald wordt noem je een ritmisch ostinato. | |
| toon/noot | Een toon is wat je hoort en een noot is wat je ziet op papier (op de notenbalk). | |
| toonduur | Dit heeft met lang en kort te maken. De vorm van de noot geeft aan hoe hij heet en hoe lang hij duurt. | |
| toonhoogte | Dit heeft met hoog en laag te maken. De plek op de notenbalk geeft aan hoe hoog de toon klinkt. Noten die hoog staan klinken hoog en noten die laag staan klinken laag. |