|
De elektronische tijdslijn |
|
|
|
De elektronische tijdslijn geeft een beeld van de ontwikkeling van elektronische apparaten/ instrumenten, audioapparatuur en computers. Voor de uitvinding van de elektriciteit waren het mechanische apparaten/ instrumenten die de mogelijkheden van de mens vergrootten. Met de uitvinding van de electriciteit is een weg ingeslagen waarvan het eind nog niet zichtbaar is. De tijdslijn begint vanaf 500 v.Chr. Toen werd een hulpmiddel uitgevonden die het rekenen een stuk gemakkelijker maakte.
Met dank aan het blad Interface dat al dit materiaal beschikbaar heeft gesteld 500 v.C . Babyloniers gebruiken een telraam; eigenlijk de eerste rekenmachine.
De draailier is een van de eerste min of meer mechanische instrumenten.
1500 De eerste orgels met waterkracht aangedreven worden ontwikkeld;
'hydraulis' 1614 John Napier ontdekt
de logaritme en bedenkt een mechanisch rekensysteem 1623 Wilhelm Schickard bedenkt de
rekenklok 1625 William Oughtred vindt de rekenlineaal uit.
1641 Eerste
rekenmachine van Pascal. 1671 Leibnitz bedenkt een
vermenigvuldigingsmachine 1738 De eerste draaiorgels en muziekdozen; in feite de eerste sequencers.
Delaborde vindt de
'Clavecin Electrique' uit; een elektrische clavecimbel 1801 Jacquard ontwikkeld een weefgetouw dat werkt met ponskaarten 1807 Young bouwt een machine waarmee geluidstrillingen op een met roet bedekte
cylinder kon worden vastgelegd 1822 Babbage bedenkt de eerste mechanische computer, maar het ontwerp was nog te ingewikkeld om uitgevoerd te worden.
1832 Morse bedenkt de telegraaf.
1834 Babbage bouwt zijn ‘analytical engine’ een rekenmachine voor 40-cijferige getallen met ponskaarten. 1840 Maelzel bedenkt de metronoom 1848 Boole bedenkt binaire algebra, essentieel voor computerprogrammering 1850 Graham Bell bedenkt het principe om spraak via elektrische golven te verzenden. 1867 Hipps bouwt een piano waarbij electromagneten de toetsen in beweging brengen. 1876 Graham Bell ontwikkelt de telefoon.
1877 Edison bouwt de phonograaf waarmee geluid in een rol met aluminiumfolie kon worden gegraveerd.
1877 Von Helmholtz schrijft 'on the sensation of tone', een standaardwerk over acoustiek en timbre. Werner ontwikkelt de eerste mechanische luidspreker.
1886 Felt maakt de eerste rekenmachine met toetsen om de gegevens in te voeren. 1889 Poulsen bouwt
de Telegraphon.
1889 Glas bedenkt de Jukebox (voor cylinders). Pas met de komst van de 45 toeren platen (1950) zou het ding een succes worden 1890 Hollerith, min of meer de stichter van IBM, bouwt een machine om de gegevens van de volkstelling in USA te verwerken.
1897 Berliner bedenkt de (platte) geluidsplaat, in die tijd van schellak gemaakt
Braun vindt de kathode straalbuis uit. Het beeldscherm is geboren! 1899 Duell directeur van het Amerikaanse patentenbureau verklaart dat alles wat er uit te vinden is, al uitgevonden is.
Dudell bedenkt ‘the singing arc’ waarbij een gecontroleerde kortsluiting geluid opwekt.
|