mijn

[voornaamwoord]
  1. bezittelijk: het is van de spreker
    vb:ik heb dat huis gekocht, het is mijn huis
    1. daar moet ik het mijne van weten [daar wil ik alles van weten]
Meer informatie bij:
alles dat de daar huis het ik van weten wil
voornaamwoord: mijn
woordenindex, inhoud