ophalen
[regelmatig werkwoord]
- komen halen om mee te nemen
vb:komt je vader je ophalen op het vliegveld?
synoniem: afhalen
tegenstelling: deponeren
- weer weten hoe het was
vb:ik moet mijn wiskunde ophalen
- verzamelen door bij mensen langs te gaan
vb:wij halen geld op voor de club
- er een beter cijfer voor halen
vb:ik moet het cijfer voor wiskunde ophalen
- algemene uitdrukkingen:
-
- zijn schouders ophalen
[ze optillen als teken dat het je niet kan schelen]
Meer informatie bij:
als beter cijfer club dat de door er een gaan geld hoe het halen ik je komen langs mee mijn nemen niet om op optillen schelen te teken vader verzamelen voor weer weten wij wiskunde ze
- regelmatig werkwoord: op-ha-len
- ik haal op
jij/u haalt op
hij/zij haalt op
wij/zij/jullie halen op
ik/jij/u/hij/zij haalde op
wij/zij/jullie haalden op
hij heeft opgehaald
woordenindex, inhoud