vertellen
[regelmatig werkwoord]
- het mondeling doorgeven
vb:mijn opa kan prachtig vertellen
- het in geuren en kleuren vertellen
[heel uitgebreid]
- niet veel te vertellen hebben
[niet veel macht hebben]
- dat hoef je mij niet te vertellen
[dat weet ik allang]
- het verder vertellen
[aan andere mensen]
- vertel mij wat!
[dat weet ik allang]
- je kunt me nog meer vertellen!
[dat geloof ik niet]
Meer informatie bij:
aan dat doorgeven en geloof hebben heel hoef het in ik je macht meer mij me mijn niet nog opa prachtig te veel verder wat
- regelmatig werkwoord: ver-tel-len
- ik vertel
jij/u vertelt
hij/zij vertelt
wij/zij/jullie vertellen
ik/jij/u/hij/zij vertelde
wij/zij/jullie vertelden
hij heeft verteld
woordenindex, inhoud