contact
[zelfstandig naamwoord]
- met elkaar van gedachten kunnen wisselen
vb:ik heb een goed contact met mijn kinderen
- telefonisch contact
[via de telefoon van gedachten wisselen]
- hij maakt erg makkelijk contact
[hij praat erg makkelijk met anderen]
- ergens tegenaan komen
vb:zorg dat deze stof niet in contact met je huid komt!
synoniem: aanraking
Meer informatie bij:
dat de deze een elkaar erg ergens hij huid in ik je komen kunnen met mijn niet stof telefoon van via wisselen zorg
- zelfstandig naamwoord: con-tact
- het contact
de contacten
het contactje
woordenindex, inhoud