terug

© Mercis BV 1997
© Mercis BV 1997

verder

Boom opdrachten

Buiten opdrachten

  1. Verschillende soorten hout
  2. Takken
  3. Bladeren
  4. Sieraden uit het bos
  5. Knutsels van boomvruchten
  6. Bladeren stempelen
  7. Een vier-seizoenen-boom
1. Verschillende soorten hout
  • Ga op zoek naar verschillende houtsoorten. Vaak hebben doe-het-zelvers of houthandelaren reststukjes liggen van bijvoorbeeld vurenhout, grenenhout, balsahout, eikenhout en beukenhout. (Je kan ook gewoon uit het park of het bos afgewaaide takjes meenemen.)
  • Bekijk de stukjes hout. Plak op elk stukje de naam van de boomsoort. Zoek in boeken naar plaatjes van de bomen.
  • Ruiken alle stukjes hetzelfde?
  • Voelen alle stukjes even glad aan?
  • Vergelijk de nerven met elkaar. In welke stukken hout zijn de nerven duidelijk te zien?
  • In welke stukjes hout zitten knoesten? Op die plek hebben takken gezeten.

begin



2. Takken

Vraag of je vader of moeder je hierbij helpt. Binnen kun je takken snel laten uitlopen. Snijd met een snoeimes of snoeischaar (PAS OP!) een paar takken van een boom. Bekijk de knoppen met de kinderen.

  • Welke kleur hebben de knoppen?
  • Sprenkel wat druppels water over de knoppen. Wat gebeurt er met het water?
  • Voel voorzichtig aan de knoppen. Hoe voelen ze aan? Zijn de knoppen kleverig?
  • Haal voorzichtig een knop van de tak en probeer de knopopen te peuteren. Gaat dat gemakkelijk? Wat zie je?

Zet de takken in een pot met water en zet de pot op een zonnige plek neer. Na een paar dagen gaan de knoppen open en komen er bladeren uit.
begin


3. Bladeren rubben

Zoek een paar mooie bladeren uit. Leg een blad met de bladnerven naar boven onder een vel papier. Houd met één hand het papier vast en ga met de andere hand met een vetkrijtje gelijkmatig over het papier. Nu verschijnen de omtrek en de nerven van het blad op het papier. Nog mooier wordt het als je met een andere kleur krijt een ander blad over het eerste blad rubt.
begin


4. Sieraden uit het bos

Knip met een snoeischaar (PAS OP!) kleine stukjes van dunne takken. Kies takken met een zachte kern zoals een vlier. Boor met een dunne fretboor (PAS OP!) gaatjes in de stukjes tak(ongeveer op de helft) in kastanjes, eikels, esdoornzaden, zonnepitten en andere vruchten of zaden. Je kunt ook gekleurde kralen nemen.
Doe aan een lange, stevige draad een naald en rijg er de stukjes van de takken, de zaden, de vruchten of de kralen aan. Maak er een ketting, een armband of een riem van.
begin


5. Knutsels van Boomvruchten

  • Egeltje: zoek een stukje bolster van een kastanje die over een eikel past. Smeer de eikel in met lijm en druk de bolster voorzichtig op de eikelpunt.
  • Fluitje: houd het hoedje van een eikel vast door je duimen over de opening te leggen. Maak met je duimen een smalle opening en blaas hard. Flink oefenen.
  • Tonnetje: prik met een prikpen een gaatje in de bovenkant van de eikel. Stop hier een afgebrande lucifer in en de tol is klaar.
    begin

    6. Bladeren stempelen

    Teken of schilder een boom zonder bladeren op een groot vel papier. Doe op een schotel een beetje groene, witte en zwarte plakkaatverf. Doop een vingertop voorzichtig in de kleurenverf. Druk nu je vingertop op een tak van de boom en maak een mooie afdruk. Zo maak je boom af met mooie bladeren.
    begin


    7. Een vier-seizoenen-boom

    Verzamel papieren kokers van vloerbedekking, verpakkingen, keukenrollen en toiletrollen. Verf de kokers bruin. gebruik de dikste koker als stam. Maak aan de bovenkant van de stam stevige draden vast en rijg hieraan de overige kokers. Maak zijtakken door aan de takken weer draden vast te maken. Laat de boom hete hele jaar staan en pas hem aan het jaargetijde aan. Maak er in het voorjaar bloesem aan door er bloemen van vloeipapier aan te plakken. Zorg dat de boom 's zomers vol hangt met groene bladeren. Verwissel in het najaar de groene bladeren voor echte herftsbladeren en vruchten. 's Winters kan de boom kaal blijven. Gebruik een echte boom in de omgeving om te zien wat en wanneer er iets aan de boom verandert.
    begin


© Het Kleine Loo 1998

© 2000 OWG-Bureau