terug

© Mercis BV 1997
© Mercis BV 1997

verder

Buiten opdrachten

  1. De Schors
  2. Hoe hoog is een boom?
  3. Hoe dik is de boom?
1. De schors

Je hebt nodig:

  • stempelkussen
  • wascokrijt
  • kompas

Bomen kun je herkennen aan de bladeren, knoppen, bloemen en vruchten. Maar ze zijn ook te herkennen aan hun schors. Zo heeft een Beuk een gladde schors en een Eik een ruwe, geribbelde schors. Net zoals je bij mensen vingerafdrukken kunt maken kun je bijbomen schorsafdrukken maken. Om dat te doen moet je elkaar helpen.
1) Vraag een klasgenoot om dit werkblad strak tegen de stam vande boom te houden.
2) Neem een wasco of zacht vetkrijt en wrijf ermee over het vierkant hieronder. Als het goed gaat zie je de schorsafdruk verschijnen.
(in het werkblad kunnen kinderen in een vak stempelen)
3) Druk je vinger op het stempelkussen en zet jouw vingerafdrukboven aan de bladzijde.
4) Kijk of je groene algen of mossen op de stam van de boom ziet. Kun je met het kompas uitzoeken aan welke kant de meeste algen en mossen zitten?
begin


2. Hoe hoog is een boom?

Je hebt nodig:

  • krijtje
  • hoogtemeter (tekendriehoek)
  • meetlint of meter

Het is niet makkelijk te schatten hoe hoog een boom is. Maar met de hoogtemeter kun je dat zelf uitrekenen.
1) Ga bij de boom staan. Zet een krijtstreepje op ooghoogte.
2) Neem de driehoek. Houd hem voor je ogen. Houd de driehoek precies horizontaal. Dat wil zeggen, dat de onderkant van de driehoek gelijk loopt met het schoolplein.
3) Loop achteruit totdat je precies het topje van de boom ziet en ook het krijtstreepje
4) Hoe ver sta je nu van de boom? Meet de afstand: ..........m.
5) Uitleg: de zijden A en B van de driehoek zijn gelijk. Dan zijn de zijden C en D van de grote (denkbeeldige) driehoek ook gelijk. De afstand van het krijtstreepje tot aan het topje van de boom is dus gelijk aan de afstand die je zo juist gemetenhebt.
6) Om de totale hoogte van de boom te weten te komen, hoef je alleen nog maar de afstand van de grond tot aan het krijtstreepje erbij te tellen.
7) De boom is ............ meter hoog.
begin


3. Hoe dik is een boom?

Je hebt nodig:

  • meetlint
  • diktemeter

Kies een boom uit. Kun je erachter komen wat voor boom het is?
De omtrek van de boom kun je meten door een meetlint om de boom te doen. Schrijf hieronder op hoeveelcentimeter je boom is.
De omtrek van de boom is: ....................centimeter.
De doorsnee van een boom kun je meten met een schuifmaat. Bij héél dikke bomen moet je natuurlijk een langere schuifmaat gebruiken. Meet met de schuifmaat de dikte (doorsnee) van de boom.
De doorsnee van de boom is: ....................centimeter.
De jaarringen kun je niet zien. Dat kan pas als de boom omgezaagd wordt. Probeer erachter te komen wanneer deze boom hier geplant is.
Hieronder kun je een verhaaltje schrijven over je boom.
begin


© Het Kleine Loo 1998

© 2000 OWG-Bureau