|
|
Inhoud
Inleiding
Planten
Dieren
Schimmels
Vragen
Opdrachten
Tips
Links en
adressen

|
|
Dieren
Als je in de ochtend door het bos wandelt zie je duidelijk de bedauwde
spinnenwebben en herfstdraden.
In
sommige grote bossen leven nog grote dieren, zoals herten,
everzwijnen en soms een
vos. Maar in elk bos zie
je wel eens een knaagdier. Zij zijn het voedsel voor de roofdieren en
kunnen zich niet zo goed verdedigen. Ze vermenigvuldigen zich snel,
zodat hun soort toch in stand blijft. We hebben het dan over eekhoorns,
hazen en muizen.
Op de grond kruipen egeltjes
en slakken. Maar je vindt
er ook mierenhopen. Mieren
leven in een streng georganiseerde groep, evenals bijen
en wespen.
In bomen en struikgewas wonen de vogels. Je ziet ze alleen als je goed
oplet Als je hun gezang of geluid kent weet je dat ze in de buurt zijn.
Let eens op het gehamer van de specht
en de boomklever, het
gezang van nachtegaal,
merel, koekoek,
roodborstje en winterkoninkje
en het gekras van de ekster.
Uilen zie je zelden (het
zijn nachtvogels) maar je vindt vast en zeker wel eens een uilenbal.
De meest kleurrijke bosbewoners zijn natuurlijk de vlinders
die van bloem naar bloem fladderen.
|
|