Janita
is bezig op haar kamer. Ze wil een plank ophangen aan de muur.
Hiervoor heeft ze al gaten in de muur geboord. Ze maakt de plank
met schroeven en pluggen aan de muur vast.
Alex is bezig met een werkstuk van hout. Er moet een plank op.
En die moet wel vast blijven zitten. Hij maakt de plank vast
met een draadnagel Nu blijft de plank vastzitten.
Janita en Alex hebben allebei iets gebruikt om iets vast te
maken. Janita had een schroef, Alex had een draadnagel. We noemen
deze dingen (een schroef en een draadnagel) bevestigingsmateriaal.
Dat is materiaal om iets mee vast te maken. Er zijn nog meer
bevestigingsmaterialen. Bijvoorbeeld schroefogen en haken.
Opdracht
Je gaat een plankje maken met daarop minimaal 20 verschillende
bevestigingsmaterialen. Ze hebben allemaal een nummer. Het nummer
en de naam staan op een lijst. Die lijst hangt ook aan het plankje.
Je hebt voor deze opdracht 2 blokuren of 4 lessuren de tijd.
Maar je bent niet alleen op school bezig, ook thuis. Je krijgt
dus huiswerk mee voor techniek.
Hoe nu verder?
Je volgt de stappen op deze pagina of je krijgt van je docent
een stappenplan. Hierin staat precies wat je allemaal moet doen.
Lees goed.
Veel plezier met deze spijkerplankopdracht.
Voorbeelden
Klik op de
foto's om deze te vergroten
Stappenplan voor het spijkerplankje
Huiswerk voor les 1
Zoek een plankje van ongeveer 10 x 25 cm. Kijk voor aanwijzingen
bij tips
Denken
Je hebt gelezen wat bevestigingsmaterialen zijn. Dit zijn
materialen om iets vast te maken.
Schrijf en teken op een kladpapier zoveel mogelijk bevestigingsmaterialen.
Zoek nu zoveel mogelijk bevestigingsmaterialen. Kijk voor
tips bij tips.
Zoek ook de namen op. Schrijf die op een kladpapier.
Les 1
Tekenen
Pak je plankje.
Maak in het midden een rechte lijn (van links naar rechts).
Maak een mooie verdeling voor 20 puntjes. Tussen de puntjes
moet steeds evenveel ruimte zitten.
Zet de cijfers 1 t/m 20 bij de puntjes.
Doen / maken
Pak je bevestigingsmateriaal.
Leg soort bij soort. Alles door elkaar staat slordig.
Misschien zijn er bij de spijkers ook wel een paar die
bij elkaar horen. Leg die dan ook netjes bij elkaar.
Nu heb je allemaal groepjes gekregen. Leg nu alles op volgorde.
Schrijf de volgorde op een papier.
Zet de naam bij een nummer.
Als je tijd over hebt mag je alles al op de plank vastmaken.
Huiswerk voor les 2
Typ de cijfers en de namen van de bevestigingsmaterialen
op de computer.
Zet ook je naam en klas op dit papier.
Print de lijst uit op een A4-papier.
Neem de lijst mee in een hoesje naar
school.
Les 2
WAARSCHUWING
Geen lijst? Dan heb je een probleem. Je krijgt je werkstuk
nu te laat af!
Maak de bevestigingsmaterialen vast op het plankje.
Controleer met het lijstje of je alles hebt gedaan. Zet een
kruisje in het vakje als het af is. Pas als er een kruisje in
staat mag je met de volgende stap verder.
Verzamel (thuis) minimaal 20 verschillende
bevestigingsmaterialen.
Monteer je bevestigingsmaterialen op gelijke
afstand op het lijntje. De spijkers moeten systematisch
geplaatst worden.
Nummer alle bevestigingsmaterialen. 1
t/m 20
Maak met de computer een genummerde lijst
met de namen van de onderdelen. Print het uit op een A4-tje.
Bevestig de lijst aan het plankje.
.
Je plankje met lijst.
Het stappenplan.
De vragenlijst "over deze opdracht"
Over deze opdracht
Wij zijn altijd nieuwsgierig wat je van de opdracht vond. Vul
daarom de volgende vragen eerlijk in.Alleen dan hebben we er
wat aan.
1. Ik vond dit een leuke opdracht omdat....... Leg je antwoord
uit.
2. Vond je dit een makkelijke of moeilijke opdracht? Leg je
antwoord uit.
3. Welke 2 dingen over techniek heb je geleerd?
4. Noem 2 andere dingen (niet over techniek) die je hebt geleerd?
5. Heb je tips hoe de opdracht anders kan? Of nog leuker?
Tips voor de leerlingen
Het stukje hout kan je halen bij de bouwmarkt (bijvoorbeeld
een stukje afvalhout wat je meestal gratis mee kan krijgen).
Het stukje hout kan je ook thuis of bij familie en/of vrienden
zoeken. Hetzelfde geldt voor de spijkers en boutjes.
De namen van de spijkers en boutjes kan je vinden in de
bouwmarkt, op Internet en vragen aan familie en/of vrienden.
Het gebruik van de pc kan thuis gebeuren, maar natuurlijk
ook bij klasgenoten, vrienden en eventueel op school.
Tijdsduur is ongeveer 4 lesuren, maar buiten de lessen
moet er ook veel gebeuren. Houd daar rekening mee. Bijvoorbeeld
wat betreft het printen van de namen. Smoesjes van mijn
printer is stuk komen zeer vaak voor en worden daarom maar
zelden geloofd. Op school kan je de computer ook gebruiken.
Printen moet je thuis doen!
Links
Wil je zoeken op het Internet? Gebruik dan deze links.