WiskundE-brief nr. 413 08-04-2007

De WiskundE-brief is in de eerste plaats gericht op wiskundedocenten in het Voortgezet onderwijs.
Bedoeling is elkaar snel op de hoogte te houden van, en meningen uit te wisselen over voor hen relevante zaken, met enige nadruk op ICT en nieuwe ontwikkelingen
De redactie wordt gevormd door Jos Andriessen en Gerard Koolstra.
Bijdragen zijn welkom via j_andriessen[at}wanadoo.nl of we-b[at}xs4all.nl
De redactie behoudt zich het recht voor bijdragen in te korten of niet te publiceren. Deze brief wordt gestuurd naar ongeveer 2100 adressen.
Het archief is te bekijken via www.wiskunde-brief.nl

in dit nummer:

KEUZE WISKUNDE A, B, C, D EN HET NIEUWE BETAVAK NLT

WERELDWISKUNDEFONDS EN BOEKENVEILING

WIE HEEFT ERVARING MET VAS?

NIEUWE WISKUNDEPROGRAMMA'S EN DE PRAKTIJK OP SCHOOL

RIJK AAN BETEKENIS


KEUZE WISKUNDE A, B, C, D EN HET NIEUWE BETAVAK NLT

Afgelopen week zijn de gegevens van ongeveer 110 scholen ingevoerd in de online enquête van de WiskundEbrief.
De resultaten worden komende dagen geanalyseerd ; mochten er scholen zijn die alsnog gegevens kunnen invullen:de enquête blijft zolang mogelijk online!
Alleen resultaten bekijken kan ook: wiskundebrief.bravehost.com Klik op "cast your vote" en scroll vervolgens naar het einde om op "View Vote Stats" te klikken.
Ter herinnering:deze enquête gaat over (voorlopige) keuzes in het VO.
Het betreft de volgende onderwerpen:

Voordat u de enquête gaat invullen graag uw aandacht voor het volgende: Als u alle gegevens bij de hand heeft kunt u deze online invullen:wiskundebrief.bravehost.com Door te klikken op de knop Submit Vote (deze vindt u onder de laatste vraag) verstuurt u de ingevulde gegevens. U kunt daarna direct het (sub)totaal van de enquête bekijken.
De redactie bedankt hierbij allen die de enquête hebben ingevuld en hoopt dat de gegevens van nog een aantal scholen dezer dagen hieraan worden toegevoegd


WERELDWISKUNDEFONDS EN BOEKENVEILING

Het Wereldwiskunde Fonds ( www.nvvw.nl , doorklikken via WwF en Wereld Wiskunde Web, en tevens via het adres www.wiskundeveiling.nl ) timmert al meer dan tien jaar aan de weg als het gaat om het coördineren van projecten in derdewereldlanden die iets met het wiskundeonderwijs aldaar van doen hebben. Die projecten worden betaald uit de donaties van vele leden van de NVvW en tegenwoordig ook uit de opbrengst van de regelmatig georganiseerde internetveiling van wiskundeboeken, het WWW. Per 1 april 2007 is de nieuwe ronde van deze wiskundeveiling van start gegaan. Er staan op dit moment 798 boeken -een groot deel daarvan nieuw- in de veiling. Deze boeken krijgen op deze manier een tweede leven en dragen zoals gezegd bij aan de totstandkoming van WwF-projecten. Wellicht treft ook u iets van uw gading aldaar aan. De veiling is slechts een muisklik van deze pagina verwijderd: <www.wiskundeveiling.nl >. De veiling sluit over 45 dagen, dus om 23:59 uur op 15 mei 2007.

Wereldwiskundefonds en nieuwe projecten

Ook dit jaar zijn we weer op zoek naar projecten die aan onze criteria voldoen. Vaak betrof het in het verleden de aanschaf van wiskundeboeken die als naslagwerken in schoolbibliotheken jarenlang een tastbare herinnering blijven aan onze projecten. Ook zijn er conferenties c.q. scholingen aan wiskundedocenten met hulp van het WwF van de grond gekomen die anders waarschijnlijk nooit gerealiseerd zouden zijn. U treft op bovenvermelde adressen beschrijvingen van diverse projecten die tot grote tevredenheid van alle betrokkenen met hulp van het WwF uitgevoerd zijn. Heeft u contacten met scholen in derdewereldlanden? Weet u van een collega die, wellicht tijdelijk, op een dergelijke school aan de slag is? Dan is het wellicht een kleine moeite contact met ons op te nemen om te zien of er een WwF-project uit voort kan vloeien. Een mailtje met een korte beschrijving naar onze secretaris, Wim Kuipers (w.kuipers{at]nvvw.nl ), is voldoende om misschien iets moois in gang te zetten.

Namens het Wereldwiskunde Fonds, Ger Limpens

WIE HEEFT ERVARING MET VAS?

Misschien herkent u dit? Bij ons op school is er weinig samenhang tussen de lessen in de onderbouw en de bovenbouw. Enkele factoren die hierbij een rol spelen: de locatie voor bovenbouw is gescheiden van de locatie onderbouw en vmbo. De interesse van de docenten voor het vak gaat niet veel verder dan de opgaven uit het boek. De eerste graads docenten geven alleen les in de bovenbouw. De (nieuwe) sectordirecteur havo/vwo heeft inmiddels begrepen dat er weinig voeling is tussen de onderbouw en de bovenbouw. Om en betere aansluiting onderbouw - bovenbouw te krijgen stelt hij voor om het Volg- en Adviessysteem van het CITO aan te schaffen. Enerzijds komt er dan een verplicht stuk overleg op gang tussen onderbouw en bovenbouw docenten. Anderzijds kun je op termijn zien of er verbetering dan el verslechtering optreedt in het niveau van de wiskunde op school. CITO heeft dit systeem ontwikkelvoor Nederlands, Engels en wiskunde.
Ik ben vooral op zoek naar collega’s die ervaring hebben met de VAStoets voor het derde leerjaar. Omdat er een prijskaartje aan hangt wil ik graag wat informatie voordat we ertoe over gaan om dit systeem op school in te voeren.
Wie kan me hierover informeren? Bellen mag ook. 0182-617089.

Rob van Oord, docent aan het Coenecoopcollege te Waddinxveen

NIEUWE WISKUNDEPROGRAMMA'S EN DE PRAKTIJK OP SCHOOL

Inmiddels zijn er veel discussies geweest rond het curriculum van de nieuwe wiskundeprogramma’s die in augustus 2007 starten. Ik heb er ook aan meegedaan. En nu de werkelijkheid begint zie je wat de praktische consequenties zijn.
De nieuwe opzet vereist – indien je voor invoering van wiskunde D of NLT kiest – een grotere formatie aan wiskundedocenten. En dat precies in een tijd dat de tekorten daaraan goed merkbaar worden. Gevolg: dreigende overbelasting van aanwezig personeel. Dit verschijnsel geldt niet voor mijn school alleen maar doet zich natuurlijk in heel Nederland voor.
De stofinhouden voor wiskunde A en C overlappen elkaar voor 90 %. Waarom dat minieme verschil? In de praktijk zullen de WA- en WC-leerlingen doorgaans samen worden gevoegd, zodat het een gecompliceerd hinkelprogramma wordt. “Jij moet dit nu wel in het SE, maar niet in het CE doen, maar jij doet het net andersom, terwijl jullie beide dit wel in het SE moeten en niet in het CE”. Etc. Dat geeft niet echt een heldere structuur aan het geheel. Alleen zeer grote scholen kunnen zich het wellicht permitteren om de WA- en WC-groepen stikt gescheiden drie jaar in te roosteren. Ik overweeg dan ook de WC-leerlingen het volledige WA-programma te laten meedraaien, met uitzondering van differentiëren bijvoorbeeld. Dan hoef ik niet met twee verschillende (maar erg op elkaar lijkende) boeken te werken (getal en ruimte delen 3 en 4 voor wiskunde A en C).
Bij vrijwel alle stromen is er een z.g. keuzeonderwerp. De lol ervan ontgaat me volkomen. Willen we de aansluiting met het HO goed laten verlopen is het toch vreemd dat op de ene school iets extra aan vectoren wordt gedaan op de andere aan statistiek en op een derde aan extra gonio? Op het HO kunnen ze dan dus nergens vanuit gaan.
Ook in het kader van beperkte energie (zie docententekort hierboven) is het onhandig overal opnieuw het wiel uit te vinden. Of moeten de omzetten van de Zebraboekjes e.d. gegarandeerd worden? Ik vraag me af of het onderwijsveld wel zo blij is met de vrijheid het programma in deze zin zelf in te kunnen vullen. Het is een verplichtende vrijheid, met als gevolg: veel dubbel organiseerwerk (het materiaal staat immers niet in de reguliere methodes) en er ontstaan verschillen tussen de scholen waar de leerlingen in ieder geval geen baat bij hebben.
Er wordt gezegd: praktische opdrachten zijn niet meer verplicht. Ik vond ze in sommige stromen ook niet echt functioneel of ze gingen teveel ten koste van het reguliere programma, dus het afscheid van die verplichting vond ik aanvankelijk verlossend. Maar nu wordt er ongegeneerd bij vermeld: “maar je ontkomt er natuurlijk niet aan.” Slik!
En natuurlijk vind ik praktische opdrachten en profielwerkstukken in beginsel erg leuk. Het is weer eens wat anders en het is gevarieerd en je kunt je wiskund-ei erin kwijt, maar bij een volledige baan krijg ik het gewoon niet meer verantwoord georganiseerd.
Ik werk op een kleine school (maar legaal, we zitten boven de opheffingsnorm) en hebben zo weinig leerlingen dat we straks precies één groep van elke “soort” hebben, WA en WC samen. En geen parallelgroepen, een kleine sectie - onvrijwillig gescheiden in onder- en bovenbouw - betekent dat dit boeket aan verschillende programma’s door weinig mensen moet worden ontwikkeld. Aanvraag bij mijn directie voor extra ontwikkeltijd wordt met verbazing aangehoord: dat hebben andere vakken toch ook niet? Met het zeuren daarover begint mijn tijdsinvestering al.
Wie heeft vergelijkbare ervaringen? Op dit moment is iedereen denk ik bezig met de PTA’s voor 2007/08. Een waarvoor kies je bij het vullen van de keuzeonderwerpen en/of praktische opdrachten?

Huub Odijk, Zutphen , 4 apil 2007

RIJK AAN BETEKENIS

Rijk aan betekenis, een visie op vernieuwd wiskundeonderwijs is de titel van het zogeheten visiedocument van de commissie Toekomst WiskundeOnderwijs cTWO, die als vernieuwingscommissie fungeert voor de curriculumherziening havo/vwo van 2011. Het boekje vormt het uitgangspunt voor de inhoudelijke ontwikkeling van concept-examenprogramma's wiskunde ABCD. Aan de orde komen onder meer de doelen van het wiskundeonderwijs, de rol van contexten en ICT en de positie van de docent. Het boekje is aan te vragen via info{at]ctwo.nl en te downloaden via www.ctwo.nl (onder publicaties).

BRON: WPD (www.wiskundepersdienst.nl)
WiskundE-brief
redactie Jos Andriessen en Gerard Koolstra
e-mail: j_andriessen[at}wanadoo.nl of wiskunde-brief[at}xs4all.nl